Historische Vereniging Arnemuiden

Liassen van de Notulen van 's Stads Verpachtinghen - 1688

Archief van het Stadsarchief van Arnemuiden:

Ingang. 1200. Inventarisnr.757.

Kladtranscriptie van de Conditien van 1688 over de accijns op de wijnen van stadswege.

Conditien ende voorwaarden waarop Burgemeester Schepenen en

Raden der Stadt Arnemuiden 26 sep 1688 sullen presenteren te verpachte den Accijns op de wijnen van stadswege.

Den pachter sal van ieder stoop Spanse, Rense ofte franse wijn bij de Tappers opgedaen genieten een schelling.

Den pachter zal gehouden wezen datze twee suffisante Borgen (te) stellen tot Content(e)teijt van Burg.,Schepenen en Raden voorn. voor de gegeven somma des pacht, mitsgaders voldoening van alle conditien daer op de voors domeijne(n) werden verpacht, daer voor yder gehouden sal wesen een voor al ende elck als principaal te verbinden heurlieder persoon en goederen roerende onroerende, present en toekomende en de selve subject maekende het verband van allen Recht en Rechters namens de judicature van de Hove Provintiaal in Holland op paene soo wie gepacht hebbende in gebreke bleve sulcx date(lic) na te comen dat in de voors. Domeijnen date(t)lic andermaal tot zijnen laste verpachten zal,geldet min t'selve dat het min gelt sal men op den eerste pachter ende zijnen goederen als gereet gelt met parate en gereede executie vergelde(n).

Den pachter sal vermogen tot inninge van zijn gerechtigheid ende tot weeringe van alle fraude te stellen alle alzulcke Recht van peijlen en Boeten als anders, als den Pachter van Staats- wegen.

Deze pacht sal duuren een gehele jaar ingaande met den eersten october 1688 en expirerende den laatsten september 1689 beijde incluis.

Den pachter sal gehouden wesen boven zijn beloofde pacht voor Randzoenpenningen gereet te betalen een schelling te ponde.

Den pachter sal gehouden wesen telkens acht uijtter(lic) thien dagen naar 't expireren van de twee maanden prom(p)telic in handen van de Tresorier deser stadt te betalen een gerechte sesde part van de somme sijns pachts op paene dat Burg., Schepenen en Raden ingevalle den pachter van sulcx te doene in gebreke bleve ofte de besprooke(n) betalinge langer dilayeerde vermogen sullen date(lic) zonder eenige Rechtvorderinge dese pacht wederom te aanvaerden en tot schade van den eersten pachter wederom te doen verpachten ofte collecteren. en de sooder bij de verpachting ofte collecte profijt viele, sal bij de stadt en met den eersten pachter geprofijteert en de genoten werden.

Sal met voors. pacht volgen (?) de Stadtwijnkelder mits den pachter van yder Oxhoofd dat in Stadtskelder wert geconsumeerd als voorigen pachter volgens vorige Resolutie van Weth en Raad een Rijksdaalder aan de stadt betalende en voorts sig reguleerende naar d' ordonnantie van haare Ed.Mog. Heeren Staten van Zeelt(Zeelant), en de resolutie bij WEth en Raad dezer Stadt daer op genomen.

Accoordeer met de principale Conditie

my t'oirconde

w.g. ( ) Van der Burcht 1688

----------------------------------------------------------------------------------------------------------

Kladtranscriptie

Conditien en voorwaarden naar welkers inhoude Burgermrs,Schepenen ende Raden der Stede Arnemuijden in Zeelt presenteeren te verpagten in een massa tegelijk de volgende stadspagten, te weten de brandewijnen,Wijnen ende bieren van stadsweege dat voor den tijd van twaalff maanden ingaande met den eersten octob 1735 en zullende expireren met den laatsten septemb(er) 1736

Art 1

Den pagter zal voor pagt mogen invorderen van ijder stoop Spaanse Rijnse of Franse Wijnen die bij de tapper zullen werden opgedaan twaalff grooten Vlms.

art 2

ijdem.Van ijder stoop brandewijn oft gedistileerde wateren die bij de tappers,borgers oft andre werden opgedaan,ses grooten Vlms.

art 3

ijdem. Van ijder tonne pharo die bij de tappers zal werden opgedaan thien schell:en ses grooten vlms en andre vaten naar advenant.

art 4

ijdem.Van ijder tonne engels,luijks oft andre overzeesche zware bieren die bij de tappers zullen werden opgedaan twaalff schell: en thien grooten vlms en bij de borgers oft ingesetenen opgedaan werdende vijff schell: en ses grooten vls en andre vaten naar advenant.

art 5

Idem van pharo oft antwerps bij de borgers oft ingesetenen opgedaan werdende van ijder tonne vier schell: en twee grooten vlms en andre vaten naar advenant.

art. 6

ijdem. van ijder tonne isriel(?) of meutelaar(?) bij de borgers oft ingesetenen opgedaan werdende hetzij buijten of binnen gebrouwen drij schell:en vier grooten vlms en andre vaten naar advenant.

art.7

ijdem.van ijder tonne cleijn bier bij borgers oft ingesetenen opgedaan werdende een schell: en twee groten vlms en andre vaten naar adven(ant).

art.8

Ook zal de pagter volgen met dese pagt de stadswijnkelder mits daarvoor betalende aan de stad van ijder oxhooft dat in deselve wordt geconsum(eert) eene Rijksd(aalder) en zal sig voorts moeten reguleren naar d'ordonnan(tie) van haar Ed. Mo: Dhr Staten van zeelt als mede van weth en Raad deser stad.

art.9

Den pagter zal gehouden wesen terstond te stellen twee suffisante borgen ter genoegen van dhren verpagters ter voldoeninge van de geheele somma des pagts alsmede tot alle de conditien waarop deselve domeijnen werden verpagt,hunzelven verbindende een vooral en ijder als ppale(principale) en dat wel speciaal onder verband van hunne persoonen en goederen bedwange als na Regten.

art.10

Den pagter sal zijn beloofde pagtpenn(ingen) moeten betalen in handen van Hr Thesourier deser stad in dier tijd zijnde te weten alle drij maanden dergelijke vierdepart zijnes pagts en dat uijterlijk binnen den tijd van agt dagen naar het expireren van ijder drij maanden.

art.11

De pagter zal nog boven en onvermind(erd) zijn beloofde pagt(penningen) cont(ant) moeten betalen een schell: ten ponde voor Randsoenpenn(ingen) alsmede twee schell: voor ijder pagt aan den secret(aris) voor het schrijven deser Conditien.

*Randsoen = opcenten op de belasting.

art.12

Den pagter zal tot invordringe van zijne geregtigh(eid) en tot voorkominge van fraude mogen gebruijken en in het werk stellen alle zoodanigen Regt van Peijlen en boeten als anders zoo ende gelijk den pagter van slandswege vermag te doen.

art. 13

ijdem. van dese pagt(te weten van(de) bieren) zullen in het geheel vrij en excempt zijn alle de heeren van(de) magistr(aat) deser stad, ijd(em) Cap(tein) Marinus Commerter,Mons(ieur) Anth(onius)Sluijtkens ? en Mons(ieur) Jan Cers ? voor hun familie ijdem zal den pagter gelijk het voorleden jaar mede aan den viceadmiraal Herm(an) Wiltschut vrijh(eid) geven van agt halff vaten bier in het jaar zoo tot consumptie van zijne familie als tot zijn labeur,dog alles wat hij meerder zal comen te consumeeren als de voorn(oemde) agt halffvaten daarvan zal hij als andre moeten betalen de vollen impost volgens de ordonnantie.

art.14

alle welke voors(seide) conditien en ijder poinct van die den pagter zal moeten naarkomen en voldoen als bij ijder art(ikel) staat uijtgedrukt op paene van daarvan in gebreke blijvende mendeselve pagte zonder eenige Regtvordering wederom andermaal zal verpagten en de schade daarop vallende zal verhalen op den eersten pagter en zijne borgen met parate executie zonder dat den zelven van tgeene zij meerder zoude mogen mogen comen te gelden ijets zal proffijteren.

Aldus dese pagten verpagt op den 27 ste 1735 binnen Arnem: voorn(oemd) op den stadhuijse aldaar present ende ten overstaan van dhr(en)Corn(elis) van Ginhoven en Leendert Leins Burgermeester Pieter de Haas schepen en Alex(ander) Sinklair Raad als Commissarissen hiertoe gecommitt(eerd).

Datum als boven.

N.B.

  1. Enkele notabelen kregen als privilege vrijstelling van de Stadsimpost voor een bepaalde hoeveelheid Wijn of Bier voor "eijghen gebruyck". Ook Tappers of Herbergiers kregen voor "eijghen gebruyck" een beperkte vrijstelling omdat zij "ondernemer" waren.
  2. De heffing van 3 stuivers per tonne heeft zo goed als zeker te maken met de heffing op de "eijghen" bieren of quaplaque (quade plack) die gold voor "gewone' bieren van minderqualiteijt, smaak en alcoholpercentage dan "uijtlandsche bieren".

-----------------------------------------------------------------------------------------------

In de jaren 1770-1619, schommelde de ontvangen Impost van Bieren, Stadsbrandewijn, Wijn,quaplack tussen de 54 en 366 ponden Vlms.

Bij de verpachting werd er hoog "ingeset", bij voorbeeld voor de brandewijn op 50 pond, en afgeslagen tot 28 pond. Iedere pachter had 2 borgen die voor hem moesten instaan.

De pachters en borgen worden met name genoemd: b.v. in 1737 Bootermans en de borgen: Dirk Tuijn en Daniel Matteijsz.voor De Brandewijn en de Wijnen.

Verder waren pachter in de tijd (vanaf 1654) Hendrik Borgen; Hendrik Baeck; Slabber; Jan Gender; Jacob van der Leij e(5 jaar); Willem La Croo; Willem Koene; Pieter Tijdgat (3); Cornelis Angillis (vaak);Jacob de Roij (vaak); Hubert de Bruijn (vaker); Jacob Drabbe; Theod. van Alle (vaak); Evert van Duuren; J.Bomme (vaak); Lacroo; Jacob van der Leye; Isaac Hildernisse; Daniel Duvernoy; Pieter Schoonaaker; Jacob Provoos(t); J.Brugmans (vaker); Pieter van de Snippe; Pieter Broeder*; Lowijs Keestock (vaker); Adriaan (Ary) Jansen Jongman (1678); Job Willemsen (quaplack)1677 (vaker); Goewijn (vaker) (bieren); Jacob de Leyser (vaker); Thomas Leersuyer; Victor Boudens; Cornelis Drabbe (1669 en1637)

Cornelis Albrechts (vaker o.a.1661 en 1656) ;Geleyn Jansen; Cornelis Doelder Caserie?

Amaddys de Marvelge?; Marinus Glunders; Baerent Sterck (vaker o.a.1661); Frederick van Riviere (1658); Joh.de Nijs (1657); Dirck Janssen (1656 en 1640); Adriaen van Dort (1657); Johan de Nijs(1657); Nijs Nijssen (1653); Herman Cornelisse (1653) wijnen; Cornelis Huygensse (1652).

Dan een hiaat tot 1641:

Jan Leynssen (1638 en 1634), Geeraert van Dort (1634 en 1635); Jan Drabbe (1636); Gerrit van Dort (1622; 1634 en 1635; 1636 en 1641); Steven Geertsen (wijnen) (1637 en 1636);

N.B. In 1638 is er een vermelding dat het Vendumeesterschap wordt verpacht. (ten behoeve van openbare verkopingen).

Dan weer een hiaat tot 1622:

Den Burgchmr. Meerten Adriaenss als pachter van de wijnen(1622 en 1623);

Aernout van de Coelputte (1623); Nijs Pieterse(1623); Nathaniel van Heusen pachtte het Vendumeesterschap voor 3 jaren voor 7 ponden en 19 schellingen groten vlms.

In 1619 waren tenslotte pachters: Adriaen Heyndricxss; David van Hack ? en Maerten Mertenss.(die volgens de beschikbare gegevens minstens 3 jaar pachter is geweest).

N.B. Onder de borgen treedt o.a op Pr (Pieter) Marynissen Duyvecodt, die een belangrijk zoutzieder,landman en notabel is geweest in het midden van de 17e eeuw).

Pieter Broeder,ook meesterbakker was diverse malen pachter van de 6 grooten per tonne -bier.

Per kwartaal werd de Pacht via de Ontvanger in handen gesteld van de thesaurier.

N.B. Eerste vermelding: In 1695: Brandewijn tot laste van de Tappers Burgers en(de) Ingesetenen tot profyte van de Kercke. In 1694 werd de verpachting voor brandewijnen

ingestelt op 50 ponden vlaems echter gemijnt voor 28 ponden:10. Ook in 1688 een vermelding: ingesteld 60 pond, gemijnt 33:6:8. In 1685 geen onderscheid wijnen / brandewijn: ingestelt 30 ponden wordt 103 ponden:13:4. 1684:wijnen ingesteld op 90 ponden: verhoogt 105 ponden.

Bieren ingesteld op 17 pond: verhoogt 28 pond.

In de periode rond 1672 (rampjaar)werd tijdens verpachtingen "opgehouden vermits niet verhooght en wierd".

Ontvanger was o.a in die tijd Corn. van Ginhoven en Thesaurier Dirk Broeder. Ook was ondertekenaar Lambertus Hemberg. stadssecretaris.

In 1671 werd de verpachting van bieren opgehouden vermits niet genoegh verhoogt wierd, naderhandt by de Heeren Commissarissen uyt der Handt verpagt voor 80 ponden.

ses groten bier 10 pond= 15 pond;

1670 Accijs der bieren ingestelt op 60 ponden:gemijnt 90 ponden;ses groten bier pertonne 10 pond=15 pond; wijnen 40 pond=50pond.

1669 Bieren:60 pond=103:15

Wijnen 40 pond=47 pond.

De quaplack ingesteld op 20 ponden afgeslaagen ende gemeynt op 17:10.pond.

1668: Bieren 60 pond=92:15;ses groten bier 20=14:5.

N.B. Wijnen ten laste van de herbergier sonder stadskelder te mogen houden !!

35 pond=46 pond.

1667:Accijns Bier 60 pond=96:17

6 groten bier 14 :10;

1666 Accijs Bieren 60 pond=94:5.

ses groote per tonne 20 pond=14:15

Wijnen 35 pond=49 pond

1664 Bieren 60 pond=95 :19

ses grooten 20 pond=12

Wijnen 35 pond= 53 pond

1663 Bieren 60 pond=73 pond

ses grooten 16=10:15

Wijnen 40 pond=58

1663 Verpachtinge van de stadt domeynen van wijnnen tot laste van de herbergiers voor twaelff maenden op den ixen octobris 1663 present tcollegie van staedt ende raedt de welcke inganck genomen geeft den eersten deser de wijne voor 12 maenden tot laste van de herbergiers sonder stadtskelder te houden syn ingestelt: op 35 ponden= 43 :12

1662: Accys bieren 75 ponden=91 :12.

ses grooten:20 pond=10:10.

1661:Bieren:75 pond=97;9

6 grooten:20 pond=11.

Wijnen 40 pond=52:16.

1659:Accijs bieren teruggestelt ? op 80 pond

de zes grooten per tonne Bieren ingetselt op 20 pond; Secretaris gemijnt 10:5.

Wijnen ingestelt op 40 pond opgehouden en(de) van staddtswegen tweede............

Verpachtinge van Stadts Domeijnen opden 24 sept.1658 gedaen prnt tcollegie van Wet ende Raedt

Accys Bieren 80 pond=106

De vi grt(en) per tonne bier 20 pond=13 pond

1657 accys bieren 80 pond=126 pond

vi grt(en) bier 14-10

Wijnen 40 pond=63:6

1656 Accys bieren 80 pond=125:15

6 groten 25 pond=14

1655 Accys bieren 80 pond =120

vi grt(en) bier 25 pond=14 pond

Wijnen 40 pond= 68

1654 Bieren 95 pond:19

vi grt 15-12

wijnen 24 pond-154:18

1679 :nieuwe terminologie: Verpaghtinge van de stadt Arnemuijden Domeynen van wijn ende Bier ende quaplacke.

-------------------------------------------------------------

Stadsarchief Dordrecht Archief 4 nr 742.

Aanvulling : bij de broodzetting:

om geen problemen te hebben wat het gewicht betreft: heeft de Bakker in de dorpen en steden rond Dordrecht "alle deze brooden langs de zijde bestreken met olie,teneinde dezelve niet aan den andere zouden kleven".

De Bakker gebruikt een half pint patent-olie ter waarde van 10 cent. Het overschot wordt gebruikt in de lamp,welke in de oven wordt geplaatst. Van boven (dient) het met geklopte eieren bestreken te worden. In de jaren omstreeks 1820 kostten 4 eieren 10 centen.

Zie ook Archief gemeente Goes. Economische Zaken, nr.2480.

Men maakte toen witte en masteluinen Bollen van 7 ons.

Banketbakkers moesten als proeve van vakbekwaamheid o.a. een groote Marsepijnen en een Amandeltaart, een beslag van Columbijntjes maken. Het "examengeld" beliep een bedrag tussen de 2 en 10 Carolusgulden.

De banketbakker maakte verder soezen, z.g. Veersche Bolletjes en Koningskrakelingen,ofschoon daartoe geen gist is vereist.

N.B.Het aan niemand gepermitteerd tegelijk Brood-,Peperkoek en Banketbakker te zijn.

Weduwen mogen alleen met meesterknecht zaak voortzetten als hun echtgenoot bevoegd was geweest.

Anders moest er binnen 6 weken "gestopt" worden.

Alleen leergezellen van ouder dan 9 jaar mochten aangenomen worden.

Er moet met uitzondering van de weesjongens betaald worden ten profijte van het "Bakkersfonds" 5 schellingen Vlaams.

Beneden de prijs van de Pasmeesteren mocht er niet verkocht worden, als alleen aan Zoetelaars in te bedijken polders of andere extra-ordinaire gevallen en aan de winkeliers ten plattenlande. Het witte brood mag een duit op het halfpond minder en het ander brood volgens "den gezakten prijs" mede op een boete van 10 schellingen Vlaams. Er waren z.g. Pastafelen:

Bekend zijn verder de Middelburgse Pas, de Troijse Pas, de Amsterdamsche Pas enz.

Arnemuiden moest zich houden aan de Middelburgse Pas.

Archief Stad Goes Econ. zaken.

A. Gilden en neringen Inventnr 2491.

Tarweprijzen uit de jaren 1820-1845 fluctueren

van f.3,97 tot f.11,57 per mud in 1839.

De roggeprijzen van f.2,81 tot f.8,25 in 1839.

Als er Markt is en op Feestdagen mogen anderen verkopen. Ook in de Stadspoorten.

Er is sprake van Bakkersturf of Mutsaars of Brandhout.

Schippers moeten daarvan kennis geven in verband met de Impost.

Ga naar boven