Historische Vereniging Arnemuiden

Ingekomen stukken 1856

Zeeuws Archief Inventaris van de Archieven van de gemeente Arnemuiden
Inventarisnummer 131
Ingekomen stukken 1856
Digitalisering van P.J. Feij

Kleverskerke 7 Januarij 1855
Aan den Heer Commissaris des Konings in Zeeland
Onderwerp: opgave vaccine
In het afgelopen jaar hebben geen vaccinatien plaatsgehad
Ook geen veranderingen in de belastbare opbrengsten gebouwde en ongebouwde eigendommen
Een opsomming van de afgekondigde verordeningen
Geen veranderingen in de lijst van instellingen van Weldadigheid: gericht aan Heeren GS van Zeeland.
Bericht van veranderingen belastbare opbrengsten aan de Controleur van het kadaster te Vlissingen

Den Haag den 6 Januarij 1855
Onderwerp: Onderstand
Magd de Quelerij. Verzoek ons de uitschotten/voorschotten terug te geven; namelijk op 17 October 1819. in Arnemuiden geboren.
B & W van den Haag
Deze Magdalena is lijdende aan febris : Lat. Koorts: hoge koortsen.
Volgens de burgemeester kunnen de gemeentefondsen van Arnemuiden de kosten van verpleging in het Gasthuis te den Haag niet dragen. Verzoek tot ontslag, alzoo wij voor geen betaling instaan.

Middelburg, den 10 Januarij 1856
Besluit onderstand aan Catarina Wisse, wed. P. Maartense , onderstands domicilie te Arnemuiden
B &W van Middelburg
Idem besluit t.a.v. Job Klaassen
Door gebrek aan geringe fondsen bij voortduring in de onmogelijkheid in verplegingskosten bij te dragen, allen bij hoogst noodzakelijkheid.
Burgemeester C.J. Baars doet daarvan mededeling aan B & W van Middelburg.

Hierna is te raadplegen een staat van sterften qua leeftijd van 0 jaar tot meer dan 90 jaar.
Ook een Staat der Huwelijken naar den Ouderdom in 1855
Beneden de 21 jaar 1 ; tussen 35 en 40 jaar 1
Getal der Huwelijken tusschen Weduwenaars en jonge Dochters: 2 tusschen 25 en 30 jaar; 1 tusschen 30 en 35 jaar.
Hierna een Staat van den maandelijkschen loop der Bevolking in1855

Inde gemeentelijke kas is een som van f.446,13 aanwezig
B &W van Arnemuiden
C.J. Baars
De secretaris
F. van Eenennaam.

Arnemuiden den 14 Januarij 1856
2 rekeningen van de heelmeester J. Oversluijs voor geneeskundige verpleging ten bedrage van ruim f.24 voor de gemeenten Koudekerke en St. Laurens/Brigdamme met verzoek betaling van deze gemeenten te mogen ontvangen.
Het Diakonie Armbestuur,
Joh: Odding
A.Buijs en

VERSLAG VOORTBRENGSELEN LANDBOUW OOGST 1855 EN TOESTAND VAN HET VEE
Tarwe is niet voordeelig: koud voorjaar, weinig opbrengst, weinig stroo, de aren niet goed gevuld.
Rogge:einig gezaaid, ook mindere oogst, slechts 22 mud per bunder
Gerst: winter-en zomergerst goed qua opbrengst, maar de kwaliteit niet voldoende.
Haver: wordt alleen gezaaid voor beestenvoer en groenvoer; de opbrengst kan men niet berekenen.
Vlas: niet gezaaid
Hennep: niet
Tabak: niet
Koolzaad: heeft door de vorst wel geleden, waardoor den opbrengst van hetzelve zeer gering is geweest
Meekrap wordt niet geplant; ook hop en chicorie ook niet
Erwten: niet voordeelig, klein van stuk, een mindergoede opbrengst
Paardeboonen ook gene ruime oogst: 30 mudden per hectare . De middelprijs was 8 gulden per mud
Witte en Bruine Boonen ook zeer door het koude weer geleden door de honingdauw: middelprijs f. 13 per mud
Wortelgewassen: mangelwortelen waren dit jaar zeer goed in tegenstelling tot de paardeboonen
Sperrie: onbekend
Klaver: zeer goed
Wikken: niet
Aardappelen: worden weder met de gewooone ziekte gekweld waardoor zij te vroeg zijn gestorrven Opbrengst: 170 mud per hectare
Knollen : geen
Graslanden en hooi: minder voordeelig
Rundvee, boter en kaas: tamelijk goed doch doordat de weilanden slecht groeiden hebben zij niet zooveel melk en boetr opgebragt als het vorige jaar. Kaas word hiet niet gemaakt. Van ziekte worden wij verschoond.
Paarden: de paarden lieten niets te wenschen over en worden et over het algemeen vele jonge paarden aangefokt; het inlandsch ras blijft geprefereerd, van ziekte vernemen wij niets.
Schapen en Wol: In deze gemeente bevind zich een kudde ; de meeste landlieden hebben slechts enkelde voor eigen gebruik en wol was zeer goed; geen ziekte.
De Varkens waren zeer goed, ziekte heeft zich onder hetzelve niet geopenbaard.
Gevogelte: liet niet te wenschen over; dezelve gaven eene goede opbrengst;
Bloemisterijen zijn hier niet.
Boomkwekerijen worden hier niet gevonden.
Vruchtboomen: de vrugtboomen bragten dit jaar veel vrugt voort zoodat wij voor de consumptie specien wekgenoeg hadden.
Bijen: worden hier niet gevonden.
Warmoezerijen: bestaan hier niet.
Fijne zaden: worden hier niet gevonden.
Ook opgaande woudboomen; Akkermaalshout en Riet en Biezen : worden hier niet gevonden.
Mest en Bemesting: de gewone mestspecien welke de landlieden hier gebruiken zijn de afwerpselen hunner beesten met met strooi vermengd, alle andre mestspecien worden hier niet gebruikt.
Toestand en verbetering van Wegen en Vaarten: de staat van de wegen was behoorlijk goed; voortdurend wordt zooveel mogelijk van dezelve als aan onze vaarten de hand gehouden.
Gesteldheid van het Weder: Het weer was in heeeet voorjaar zeer koud en ongestadig, echter is de oogst goed binnengekomen en werkte niet ten nadele van de landlieden.

Over het algemeen is den oogst van dit jaar niet overvloedig van schot geweest ; de korten groei door het koude voorjaar heeft nadeelig op denzelve gewerkt; schade komt niet in aanmerking; de hooge prijzen van alle graansoorten , maken dat de landlieden dubbele winsten genieten , een Burger uitgeput en een armen broods gebrek lijdt, waardoor het ons zeer veel genoegen zoude doen, dat de granen tot op een matigen prijs zouden blijven?, waarbij boer en burger beide hun bestaan hadden en een overvloed van den eersten niet moge strekken tot den anderen zijn ondergang.

Middelburg den 14 Januarij 1856
Onderwerp: Vaccine
Er zijn gedurende het afgeloopene jaar 25 vaccinatien verricht zonder verdere opgaven der bij mij tot het doen van verslag aan het departement van Binnenlandschen zaken benoodigd zijn.
Verzoek om alsnog daaraan te voldoen.
De Commissaris des KONINGS IN DE PROVINCIE Zeeland
Van Tets

STAAT der Gevaccineerden en der aan de KINDERZIEKTE behandelde personen in de Gemeente Arnemuiden
Oversluijs 24 gevacc. Beneden 10 jaar; 1 volwassene: totaal 25. Behandeld aan de Kinderziekte 36; overleden 13.
J.Noom 17 ; 1 volwassene; totaal : 18 ; behandeld 36; overleden 6

Middelburg den 17 Januarij 1856
Onderwerp; statistiek bevolking
Opgave van de laatste maanden klopt niet.
De Commissaris van Zeeland

Hoofdelijken omslag van 1856 loopt van af de 1e klasse van f 18,60 tot de 10e klasse ad f.2-
Tot de meestbetalende belastingbetalers behoren o.a. A. Boogert. De wed. Crucq, Abr. Van Eenennaam, Gillis Kesteloo. P.J. Crucq, C.J. Crucq, J. Noom ,L. van Eeenennaam, C.J. Baars, J, Oversluijs, wed A. Adriaanse, molenaar
4e klasse, f. 10,08: Pieter Kwekkeboom etc. etc

 

Middelburg den 25 Januarij 1856
Onderwerp: Heffing havengeld
Aan GS van Zeeland.
Diverse vragen over de situatie vanaf het jaar 1820 met eventuele opbrengsten;heeft de heffing onafgebroken voortgeduurd ?
Welk gedeelte van het havenkanaal is onderhouden en welke rekening t.b.v. de Commissie van de Keersluis.
Welke opbrengst over 1855
Handtekeningen

Arnemuiden 29 Januarij 1857
Aan Heeren GS van Zeeland
Ter beantwoordinge der vragen hebben wij de eer UEGA te berichten
Ingevolge ordonnantie, gearresteerd bij President en raden der stede Arnemuiden den 23 October 1799 is er vastgesteld een kaai-, haven en meergeld voor al de schuiten die op de zaat of aan het hoofd vastleggen.
Dit havengeld werd ontvangen door den veerman en was begrepen in de pachtsom welke de pachter van het veer aan de gemeente opbragt, mitsdien hem zijnen behoeven?, waardoor wij buiten staat zijn, de gemiddelde opbrengsten mede te deelen, zoo is het ook met betrekking tot de onderhoudskosten. Zoals in 1816 is het kanaal uitgediept, zoo dat er voor den jare 1820 weinig of niet tot herstelling aan schijnt verrigt te wezen, met het oog op het te verrigten werk, later en wel in 1833 is tot herstel en maken van nieuwe beschoeijingen aan het hoofd van hetzelve, besteed geworden eene som van f.903,13, waarvan in de rekening van dat jaar in uitgaaf is gebragt eene som van f.540,15.
Bovengemelde heffing heeft onafgebroken voortgeduurd vanaf dat tijdspip tot den 1 Januarij 1855, wanneer de heffing van het nieuwe havengeld goedgekeurd bij ZM besluit van den 3 Julij 1854 eerstgemelde heeft vervangen.
De Oostzijde van het havenkanaal mitsdien het gedeelte voor de Keersluis, is tot hiertoe zooveel daaraan verigt is, door de Gemeente onderhouden, terwijl de Commissie de Westzijde aan de Keersluis en alzoo het gedeelte loopende voor de zaagmolens, steeds voor hare rekening heeft hersteld, als mede de beschoeijing werk aan weerszijde der sluijs???
Gedurende het afgeloopenen jaar ultimo 1855 heeft het havengeld opgebragt f.220,45 en welker opbrengst beschouwd word jaarlijks hoogst benoodigd te hebben wilt men voor ??? hetzelve in orde houden. Alzoo dit jaar aan bestemd is geworden eenen som van f.170,40 en voor den jare 1856 in de begrooting weder is gesteld eene som van f. 320-, waarvan bereids al een groot gedeelte is besteed, mitsdien te samen f.490—alzoo gemiddeld meer verwerkt dan daarvoor zal worden ontvangen.
Mogt de Gemeente de voortdurende heffing van het havengeld van de schepen bestemd naar de zaagmolens worden belet, dan worden wij buiten staat gesteld, daaraan de voorgenomene herstellingen te doen en zullen wij verpligt zijn, die grootendeels te staken. Maar ook dan meenen wij, dat ons ?? voorregten worden onttrokken, die bij de Gemeente Wet tot dekking der plaatselijke utgaven, de Gemeente Raad, ???? belastbare voorwerpen zijne vergund geworden.
De Burgemeester
C.J.Baars

Middelburg 29 Januarij 1856
EA Heeren
Hiernevens hebben wij de eer UEA ter gewone behandeling aan te bieden 1 certificaat van oorsprong over 1000 5/4 Calicots, waarvoor wij bereid zijn desgevorderd den eed af te leggen.
De verzending geschiedt voor particulier rekening.
Gaarne spoedig retour!!
UEADDWDienaren
G & H Salomonson
Abr. Hendrix

Reactie op voorgaande

Arnemuiden den 30 Januarij 1856
Onderwerp: voordracht zetters
Door het overlijden van S. van Eenennaam: twee andere personen
Voorgedragen: J. Crucq en P. van Vlaanderen buitenzetter

Bericht over de Zittingen van de Militie-Raad

Den Haag den 30 Januarij 1856
Onderwerp; Alimentatie
In antwoord op UEA missive van 18 Januarij hebben wij de eer te berigten dat wij dientengevolge aan een vernieuwd onderzoek hebben doen instellen betrekkelijk de opname en verpleging van Magdalena de Quelerij en daardoor in staat gsteld zijn UEA het navolgende mede te deelen.
Genoemde persone die alsnog in het Gasthuis verpleegd wordt en wier toestand volgens verklaring van den Geneesheer niet niet gedoogt dat zij naar uwent kan vervoerd worden, is wel zooals in de brief aan hare moeder vermeld staat door de zorg van den Heer Ommeren? bij wien zij dienstbaar was in verpleging opgenomen, doch die zorg heeft zich alleen zoover uitgestrekt dat hij bij het ontstaan harer ziekte de noodige démarches heeft gedaan om haar in dat gesticht te doen opnemen, zonder daarbij volgens zijne eigene verklaring in het minst het voornemen te hebben de te ontstane kosten uit eigen middelen te vergoeden, te minder daar zij met februarij aanstaande toch zijnen dienst moet verlaten.
Zij zelve heeft verklaard evenmin in staat te zijn die kosten te dragen, daar zij als dienstmeid slechts een gering loon genoot, en daarvan wel is waar zoveel mogelijk had bezuinigd om hare moeder van tijd tot tijd iets te kunnen toezenden, doch verder ook niets overig had om daaruit zelf hare verpleging te bekostigen, dat ons dan ook trouwens wel natuurlijk voorkomt.
Wij kunnen dus niet anders dan na afloop harer verpleging alhier aan UEA de declaratie in te zenden; terwijl wij de vrijheid nemen hierbij op te merken dat aangezien door ons bij hare opname de wettelijke bepalingen in allen deele zijn nageleefd, wij ons ook ter bekoming van restitutie beroepen op de 2e en 3e alinea van art.46 der Armenwet, waaruit in dit geval duidelijk blijkt dat uit de fondsen uwer gemeente als onderstands domicilie de teruggaaf behoort te geschieden.
Mogt UEA hare overkomst naar uwent verlangen zoo verzoeken wij magtiging om haar van het noodige reisgeld en geleide zoo dit noodzakelijk werd bevonden te mogen voorzien.
B & W van Den Haag
Handtekening

Kennisgeving van benoeming zetters door de CvdK.

Gedurende het jaar 1856: Jacobus Crucq te Arnemuiden en Pieter van Vlaanderen te Kleverskerke ter vervanging van S. van Eenennaam en L. Blok

Arnemuiden den 8 Februarij 1856
EA Heeren
Het is door den zeer toegenomene achteruitgang van den staad der fabrijken te dezer plaatse in het bijzonder waardoor den ondergetekenden zijne inkomsten zijn verminderd en wel in het weekgeld van de Hr. Salomonson met een bedrag van honderd en vijf en twintig guldens in het jaar zonder nog te gewagen van het mindere der verdienste wegens minder debiet in zijn winkel.
Redenen waarom hij zo vrij is UEA te verzoeken om in overweging te nemen den adresant op den opgemaakten hoofdelijken omslag voor het thans lopende dientjaar te willen terugbrengen in ene mindere klasse en alzo ook zijne lasten iets te verminderen.
Hopend UEA hetzelve ten zijne gunste te zullen besluiten, teken ik mijn in afwachting.
UEADWDienaar
A.J.Beerthuis.

De gemeente brengt wegens bovengen. omstandigheden Beerthuis terug van de 5e naar de 6e klasse.

Marinus Hoogerheide verzoekt de betrekking van telhout teller in te nemen na het overlijden van Klaas Flink.

Aan Heeren GS van Zeeland
Onderwerp: Besluit wijziging begrooting

Idem.
Onderwerp: Besluit intrekking belasting op het geslagt

PUBLICATIE LOTING NATIONALE MILITIE

Arnemuiden den 14 Februarij 1856
Jan Govert te Hoorn oud 55 jaren en geboren te Amsterdam heeft zich aangemeld bij het Armbestuur ten einde wekelijksche bedeeling te mogen ontvangen.
Deze man , echtgenoot met 2 kinderen, sedert eenige dagen van Almelo alhier gearriveerd verkeert met zijn huisgezin in allertreurigste omstandigheden en lijdt het grootste gebrek. Heeft een zwak, ziekelijk ligchaamsgestel en vooral door een zwakke borst buiten staat om zijn handwerk op de weverij van de heer Salomonson alhier te verrigten, waarvoor hij ook is afgewezen.
Ook zijn vrouw is buiten staat werkzaamheden te verrichten: haar verstandsvermogens zijn gekrenkt.
Wij nemen daarom de vrijheid UEA voor te stellen deze hulpbehoevende man, wil hij niet van honger omkomen, eene wekelijksche bedeeling van twee gulden te vergunnen, ten koste van zijn onderhouds domicilie , zijnde de gemeente Almelo, alwaar hij vier achtereenvolgende jaren tot op zijn vertrek naar deze gemeente wekelijks onderstand heeft genoten.
Het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding
A.Buijs

PU BLICATIE VAN DE WET VAN 26 Ventose 4e jaar over de vernietiging van rupsennesten en bestrijding van schadelijk gevogelte etc
Zie hiervoor het origineel

Arnemuiden den 12 Februarij 1856
Onderwerp: Berigt krankzinnigen
Gedurende het afgelopen jaar : geen krankzinnigen zijn hier verpleegd geworden.
Bericht aan de CdK

Arnemuiden 14 Februarij 1856
Aan de Commissaris des Konings in Zeeland
Onderwerp: Kennisgeving verongelukken van visschuit Meerman
Wij verkeeren in de droevige omstandigheid Uwe Excie mede te deelen dat onze gemeente eene zwaare ramp heeft getroffen, een visscher genoemd Jacobus Meerman heeft het ongeluk gehad deszelfs vischvaartuig te moeten verliezen met al wat tot dezelve behoort op jongstleden woensdag met een harden wind en zeer onstuimige zee gaande met deszelfs vischkorde binnen boord te halen, wordt door een zee ???? deszelfs helmstok weggerukt en in drie stukken buiten boord geworpen, daar op kwam met onkenbare?/ onberekenbare? Kracht een tweede zee aanloopen, rukte het geheele roer met nieuwe vingerlingen mede stevig gebouwd van de ????? steven af en zonk in de diepte weg, terwijl nog hun eenigste overgebleven redmiddel om nu bij gemis van roer de schuit in stijfte te houden.hun vischtuig mede stuk sprong, waardoor nu voorts alle uitzigten voor eigen redding verloren was, en zij niets anders dan een gewissen dood voor oogen zagen, te midden van een aantal Engelsche visschers, na wie zij onmiddelijk seining deden, bleven vruchteloos, niettegenstaande zij zoo digt bij hun waren dat zij de manschappen zouden kunnen erkend hebben
In deze hachelijke omstandigheden bragt/brak de duistere nacht aan, met verheffing van wind en werd de zee meer en meer onstuimig, waardoor zij elk oogenblik de dood tegemoet zagen, maar God die nog geen lust in hunne dood vind, behoedde hen de gansche nacht tegen alle menschelijke bedenking aan.
Des donderdags werd de wind en zee bedaarder, maar hun schuit zoodanig lekte, dat hij halfvol water stond, waardoor bij al de angsten en afgematte ligchamen zij nauwelijks de pompen konden verlaten en en werden meer en meer reeds tot boven Texel van de Hollandsche Kust weggeslagen waar zij dien gansche dag geen schepen zagen, welk hun redding kon aanbieden, dit duurde tot vrijdagmorgen dat 1 der 6 matroozen een schip als een hand grootte uit zee zag aankomen en welke dan des morgens ten 10 bij hen arriveerde zijnde een Oostendsche sloep gevoerd door schipper Pieto? Witrok no 122.
Deze schipper de omstandigheden vernemende waarin zij verkeerden, zette dadelijk zijn sloepje in de onstuimige golven, en begaf zich aan boord doch schipper Meerman gaarn ziende dat ook zijn schuit mogt gered worden gevoelde weinig lust hetzelve te verlaten, dan op aanhoudende betuigenis van den schipper der sloep dat daartoe volstrekt geene mogelijkheid bestond om zijn zinkend vaartuig te behouden en opdringend aanhouden zijner matroozen besloot hij eerst alleen op zijn schuit te blijven en met dezelve om te zien of er geene nadere uitredding mogt opdagen of anders met dezelve in de diepte weg te zinken, dan later meer & meer overtuigd en de nood zoo dringend wordende bes deszelfs wedervaren omstandig verhaalt; maar wat nu met dezen armen vischerman, van alles beroofd, en zijn pand van f.3000 waardig in de diepte der zee weggezonken, is er aan de eene zijde blijdschap en ruime dankensstof dat hun leven is gered, aan de loot?? hij eindelijk toe te geven waarop eerst 3 zijnermatroozen werden overgebracht en daarna twee andere met den schipper, die niet dan zeer traag dezelve verliet, en ter naauwer nood aan boord, slechts een half uur verdween zij in de diepte uit aller oogen weg en waarop de schipper der sloep koers zette naar Oostende, en zoo vriendschappelijk aan dat boord werden behandeld dat het niets te wenschen overliet, en welke schipper hun te Oostende bij de Nederl. Consul bragt, die hen benevens van kleeding van al het noodige voorzag en de volgende dag met reisgeld naar Antwerpen heeft doen overbrengen, alwaar zij weder bij den Ned. Consul zijn gekomen, die hen even gelijk vriendelijk heeft ontvangen en in alles behulpzaam heeft geweest en van waar zij heden met de stoomboot op Middelburg zijn tehuis gekomen, waar zij met de grootste blijdschap als uit de dood gered werden begroet.
Ziedaar Uwe Excie deszelfs wedervaren omstandig verhaald; maar wat met dezen armen vischerman van alles beroofd, en zijn pand van f.3000- waardig in de diepte der zee weggezonken; aan de eene kant blijdschap en ruime dankensstof dat hun leven is gered, aan de andere zijde is het middel tot hun onderhoud voor volgende leven voor altijd weg, alzoo hij buiten staat verkeert zich een nieuw vaartuig aan te schaffen; zoo er geen ander middel mogt worden uitgedacht, waardoor in zijn verlies mogt worden voorzien.
Wij zijn dierhalve in de gedachte gekomen, den schipper aan den Koning een rekest te laten presenteren, om in 2 à 3 Provincien van ons Vaderland met een collecte rond te mogen gaan; deze willen daartoe niet overgaan, voor en aleer wij Uwe Excie daarover hebben geraadpleegd; Uwe Excie zult ons dierhalve zeer verpligten, ons uw gevoelen te willen mededeelen, met te kennengeving voor het geval Uwe Excie daarin geen bezwaar mogt vinden, of de Provincien Noord-en Zuid Holland benevens Zeeland, niet wel het best tot het doen van dusdusdanige collecte voor dien ongelukkigen geschikt mogt zijn.
Mogt ons verzoek wegens te vergaand meedelijden????? te overdreven zijn, zal het ons aangenaam zijn, Uwe Excie onderrigting te mogen ontvangen.
De Burgemeester
C.J. Baars

Ook zal het ons aangenaam wezen te mogen ingelicht worden, of aan de Oostendsche visscher uit de Gemeente kas eene gratificatie moet verleend worden, wegens deszelfs redding of dat zulks langs een andere wijze door de redding maatschappij op Uwe Excie voordragt zal plaats hebben.

Middelburg den 15 Februarij 1856
Onderwerp: toezending declaratie
Twee declaraties van het Algemeen Armbestuur dezer Gemeente groot f.77,43
Wegens verplegingskosten Johannes Priester, Job Klaassen en gezin; C. Wisse wed. P.Maartense; Alida Wijn wed.???; Maatje de Gruiter, wed. P. Kramer; Hendrik Blom; C. le Mahieu, wed. A. Toupet.
Gaarne binnen 3 maanden uit te betalen
B & W van Middelburg
Paspoort
H.F. Lantsheer

Bericht hiervan aan het Diac. Armbestuur

 

Arnemuiden 16 Februarij 1856
Aan GS van Zeeland de aanbieding van het voorlopig vastgestelde kohier van de hoofdelijke
Arnemuiden den 19 Februarij 1856
Bij ons Armbestuur heeft zich aangemeld Adriaan Theune geboren te Nieuw en St. Joosland den 7 Julij 1810 voor geneeskundige hulp wekelijkse onderstand.
Is een sukkelende man gehuwd met Janna Kakebeeke, vader van 3 kinderen, grote armoede, door slechte conditie niet in staat tot arbeid. Eenmaal in de winter bij een bedeling 1 brood ontvangen uit medelijden. Op kosten van zijn onderhouds domicilie geneesk, hulp toegestaan: een wekelijkse bedeeling van 75 cent.
Het Armbestuur van Arnemuiden
A.Buijs
L. de Ridder

Arnemuiden 19 Februarij 1856
Bovenstaand bericht ter kennis gebracht aan B & W van Nieuwland
C.J. Baars

Middelburg den 20 Februarij 1856
Onderwerp: Oproeping lotelingen 1e afgifte kontingent militie 1856.
De Commissaris des Konings.

Middelburg den 22 Februarij 1856
Onderwerp: kohier hoofdelijken omslag goedgekeurd

 

Nieuw en ST.Joosland 25 Februarij 1856
aangaande de verpleging van Adriaan Theune hebben wij de eer UEA kennis te geven dat de vrouw van dien persoon zich ook bij het Diaconie armbestuur alhier heeft vervoegd en aldaar heeft te kennen gegeven vroeger te Arnemuiden te zijn bedeeld, waardoor het ons zeer onwaarschijnlijk voorkomt die persoon thans in de termen zoude vallen om voor rekening dezer gemeente te kunnen worden bedeeld.
B & W van Nieuw & St. Joosland.

Arnemuiden den 26 Feb. 1856
Met leedwezenhebben wij van UEA vernomen uit de missive van B &W der gemeente Nieuw en St. Joosland de weigering ter bedeeling betreffende Adriaan Theune en ter beantwoording daarvan hebben wij de eer UEA te berigten dat het gezin van genoemden A. Theune in Nov. Jl gelijk met met alle andere behoeftigen uit de van Middelburg ontvangen liefdegiften eenige bedeeling heeft ontvangen, doch geenzins uit onze diakonie fondsen.
Bovendien al ware dit het geval, meenen wij, dat zulks voor het gemeente bestuur van Nieuw en St. Joosland geen grond van weigering kan opleveren, alzoo die personen voor de in werking treden der Wet van 28 Junij 1854 geenerlei onderstand alhier heeft genoten, waardoor hetzelve met de erkenning van dat Domicilium in strijd zoude handelen met art.36 dier wet.
Wij verzoeken derhalve het gemeente bestuur van Nieuw & St. Joosland daarvan kennis te willen geven en vertrouwen dan ook dat hetzelve verder geene zwarigheid maakt, het gemelde onderstands domicilie te erkennen.
Het Armbestuur van Arnemuiden
A Buijs
L. de Ridder

Van bovenstaand stuk wordt door B & W van Arnemuiden een afschrift gezonden aan het Gemeentebestuur van Nieuwland.

Middelburg den 24e Februarij 1856
Militie-Commissariaat
Onderwerp: Tweede en Derde Zitting Militie-Raad

Middelburg den 3 Maart 1856
Onder toezending van een verzoekschrift om gratie aan ZM de Koning gerigt ingediend door J.H. van Weerd te Arnemuiden, heb ik de eer UEA te verzoeken mij omtrent den inhoud daarvan te willen dienen van schriftelijk berigt van consideratie.
De Officier van Justitie
Van Son
Subst.

Arnemuiden den 5 Maart 1856
Onder terugzending van het aan den Koning gerigte verzoekschrift door J.H. van Weerd om gratie wegens een door Uwe regtbank ten zijnen, en dierhalve daaraan geen de minste schuld had laste geslagen vonnis, ten gevolge plaats gehad hebbende overtreding op het stuk der plaatselijke belasting,, zoo heb ik de eer UEGA deswegen te berigten dat blijkens gedane mededeeling door M. Meulmeester , die wij nog deswegens gehoord hebben door van Weerd stellig willens & wetens het feit heeft plaatsgehad alzoo hij de vrouw van Meulmeester belast heeft, dat haren man met twee kurven? mogt brood gaan halen, en dat hij subontvanger der accijnen zijnde Meulmeester niet anders wist of zijn meester zoude voor dit billet verpl: belasting gevergd? hebben, dat hij in zijne dienst zijnde deze last niet kon weigeren alzoo hij hem anders uit de fabrijk zoude weggezonden hebben en alzo geen schuld daaraan had.
Zoo het ons voorkomt gebruikt van Weerd onwaarheden, om daardoor bij den Koning verschooning te vinden, om hetgeen regtvaardig over hem door uwe regtbank is uitgesproken, een middel welk niet dienstbaar is tot het bekomen der gevraagde gratie, alzoo daarin nog een schijn voorkomt, alsof de regtbank de hem opgelegde straf verkeerdelijk heeft toegepast, ongaarn zagen wij dierhalve dat hem algeheele kwijtschelding verleend werd, mogt op uwe voordragt daarin eene verzagting worden gebragt daar de toepassing der straf aan ons oud reglement al wat kras is, zouden wij daartegen geene bedenking hebben, waarom wij vermeenen UEA te verzoeken langs die wijs Uw raport uit te brengen.
De Burgemeester
C.J. Baars

PUBLCATIE VIERING ZON-EN FEESTDAGEN
Zie hiervoor de website van arnehistorie onder “diverse stukken “

Arnemuiden den 5 Maart 1856
Wij hebben de eer UEA ter kennis te brengen dat Laurina de Kam, weduwe van Kornelis de Nooijer sedert eenigen tijd ongesteld geneeskundige hulp van ons heeft aangevraagd.
Deze weduwe, alleen wonende en bij onderzoek gebleken zijnde dat hare ziekte van ernstigen aard is, hebben wij raadzaam gevonden op kosten van haar onderstands domicilie zijnde de gemeente Zoutelande, haar een waakster en geneeskundige hulp te verschaffen, waarvan wij door deze kennis geven.
Het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding
A Buijs

Van bovenstaand wordt bericht gedaan aan B & W te Zoutelande

Arnemuiden den 5e Maart 1856
Wij hebben de eer UEA ter kennis te brengen dat bij ons Armbestuur zich heeft aangemeld Janna Willeboordse, weduwe van Blaas de Nooijer, geboren 28 Maart 1791 te Kleverskerke.
Deze weduwe in ziekelijke omstandigheden van ernstigen aard verkeerende, hebben wij niet mogen nalaten haar op kosten van haar onderstands domicilie geneeskundige hulp te doen geworden, waarvan wij door deze kennis geven.
Het Armbestuur van Arnemuiden.
Joh: Odding
A.Buijs

Hiervan bericht aan het gemeentebestuur van Kleverskerke

Arnemuiden den 7 Maart 1856
Wij hebben de eer ter kennis van UEA te brengen dat bij ons Armbestuur zich heeft aangemeld, Arend Jan Beerthuis, weversbaas alhier, die het ouderlooze kind met name Antje Flierman, geboren 14 Oct.1843 te Brummen, Arrondissement Arnhem, nu reeds zeven jaren ten zijnen woonhuize gratis heeft verpleegd, doch nu volgens zijne getuigenis, door vermindering van inkomsten zich genoodzaakt heeft gezien voornoemde wees die verpleging te ontzeggen, waardoor ons Armbestuur genoodzaakt is geworden haar op kosten van haar onderstands domicilie zijnde de gemeente Brummen, voor vijf en veertig cents te besteden; waarvan wij UEA door deze kennisgeven.
Het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding
A.Buijs

Daarvan wordt bericht gedaan aan B & W van Brummen.

Arnemuiden 7 Maart 1856
Aan den WEGestr. Heer W. van Houten, president der ZuidHoll.Redding Maatschappij van schipbreukelingen te Rotterdam.
Wij gevoelen ons verpligt UEG door deze mede te deelen dat op Woensdag den 6 februarij dezes jaars schipper Jacobus Meerman met zijn visschuit op 14 mijl afstand van de wal in zee zijnde het ongeluk heeft gehad door den harden storm en zeer onstuimige zee deszelfs roer te verliezen, waardoor hij met zijn 5 matroozen gedurende 48 uuren in den hoogsen nood verkeerd te hebben en niets anders dan elk oogenblik een gewissen dood voor oogen zagen.
De hulp welke hun zoude kunnen aangeboden wordende had plaats kunnen hebben door de in hunne nabijheid verkeerende Engelsche visschers, doch niettegenstaande aanhoudende seinen waardoor zij hunnen nood te kennen gaven worden door hun opgemerkt, of daarop acht geslagen geheel en al aan hun noodlot overgelaten.In deze omstandigheden bragten zij twee nachten in doodsangsten door door de verheffing der wind en meer en meer onstuimige zee, was al hunne poging tot eigen redding vruchteloos, bovendien werd het vaartuig door de heen & weder slingering zoo lek zij ter naauwernood de pomp konden verlaten, en werden zij langs hoe meer naar de wal heengeworpen, waar hun lot zoodra het vaartuig gestooten had, zoude beslist zijn.
Eindelijk daagde op vrijdag den 8 Februarij hunne redding aan, een Oostendsche visscher, schipper der sloep no 122 en genaamd Pieto Witrok kwam uit zee aanloopen en ziende de nood waarin zij verkeerden, zette onmiddellijk naar hun koers en na de schipper verzekerd te hebben dat hij slechts alleen in staat was de bemanning te redden, besloot Meerman na herhaalde biddings zijner matroozen over te gaan en zijn schuit te verlaten, het welk met een kleine boot door de onstuimige zee met veel gevaar gepaard ging, echter werden zij met Gods zegen behouden overgebragt en naar Oostende gebragt, alwaar zij de meest mogelijke vriendschap werd betoond, door hun van al het noodige te voorzien, wijl hunne kleeren door al het lijden geheel stuk gescheurd waren.
UEd zult met ons zich overtuigd houden dat maar weinige oogenblikken meer of zij allen waren aan een gewissen dood ten prooi gegeven, want naauwelijks een klein half uurtje na zij hun vaartug verloren hadden, zonk het in de diepte weg en al naar dat zij door pompen hetzelve een tijd langer boven water hadden gehouden, spoedig hadden zij aan de grond geraakt?? daar zij slechts maar 4 ?? van Texel verwijderd waren.
Wij hebben dus naast God het leven van zes onzer visschers schipper Pieto Witrok te danken, en kunnen niet nalaten deze edele daad van redding UEG ter kennis te brengen; aangenaam zoude het ons zijn wanneer dien schipper op uwe voordragt uit het fonds der reddingmaatschappij een belooning mag erlangen, zoude deze onderscheiding zeker strekken om in voorkomende dergelijke gevallen met even gelijke bereidwilligheid hunne in nood verkeerende evenmensch alle mogelijke bijstand te verleenen.
De Burgemeester
C.J. Baars

STAAT der tot het grondgebied der Gemeente behoorende Bouwlanden enz. met aanwijzing van het getal bunders en de opbrengst.
160 bunders; tarwe: gemiddeld 20 mud per bunder

PUBLICATIE
Herziening van de vorig jaar vastgestelde lijsten der Kiesbevoegden voor de Leden der Tweede Kamer en de Prov. Staten etc
Arnemuiden, 10 Maart 1856
C.J. Baars.

Middelburg 12 Maart 1856
EA Heeren!
Wij hebben de eer UEA hiernevens ter gewone behandeling aan te bieden 2 certificaten d ‘origine over 1500 6/4 Calicots waarvoor wij bereid zijn desgevorderd de eed af te leggen.
De verzending geschiedt voor particuliere rekening.
Gaarne stuken spoedi retour !
UEADWDienaren
Salomonson
Hendrix

De Burgemeester van Brummen bericht de goede ontvangst van de missive m.b.t. onderstand Antje Flierman.
10 Maart 1856

Middelburg den 14 Maart 1856
Onderwerp: vervoer buskruid
Ik heb de eer U te melden dat den 20 dezer maand ’s rijksvaartuig de Griet, zich moet bevinden te Muiden, om aldaar te laden 10000 ponden buskruiden die naar Rammekens te vervoeren.
Dat vaartuig zal in dit gewest den weg nemen langs de Zeeuwsche stroomen en voorts door de Zandkreek en het Sloe.
Ik verzoek U de bij art:58 der wet van den 26 Januarij 1815 maatregelen in acht te nemen etc.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Goedkeuring van ZM tot afschaffing van belasting op het geslagt in Arnemuiden bij wijze van opcenten.
GS van Zeeland
Van Tets
Griffier
Handtekening
Brummen den 14 Maart 1855
Onderwerp: Armwezen
In antwoord op uwe missive van den 7 dezer geleidende een Besluit tot het verstrekken van onderstand aan Antje Flierman, hebben wij de eer UEA te berigten dat met eene wekelijksche bedeeling van 45 cents voorlopig genoegen genomen wordt. Wij durven vertrouwen dat gezegde behoeftige spoedig als dienstmeisje zal geplaatst en wij van de bedeeling ontheven kunnen worden, waarin het armbestuur ten Uwent wel behulpzaam zal willen zijn.
B & W van Brummen
Handtekeningen

Burgemeester doet bericht hiervan aan het Armbestuur.

Middelburg 19 Maart 1856
De Heeren Salomonson sturen meer dan 640 stuks calicots naar Oost-Indie voor particuliere rekening.
Certificaaten van oorsprong dienen getekend te worden met verzoek tot spoedig retour etc
Handtekeningen

Middelburg 20 Maart 1856
Onderwerp: afmaaijing der wegen
De Centrale Directie van Walcheren geeft voortaan alleen toestemming tot afmaaijing der wegen en niet meer tot beweiding. Beweiding is nadeliger voor de wegen dan afmaaien. Leid vaak tot beschadiging
Caland president
Van Visvliet Griffier

Arnemuiden den 31e Maart 1856
Aan de Centrale Directie Walcheren
Wij hebben de eer hierbij aan UE ingevoegd te retourneren de brief van den 20 Maart jl toegezonden staat voor de afgifte der permissie billetten wegens het afmaaijen van de zijkanten der wegen onder onze Gemeenten.
UE duide het ons niet ten kwade dat wij u moeten te kennen geven het ons leed doet geen permissie billetten meer worden afgeven voor het beweiden der wegen.
Door dezen maatregel wordt den ouden man Jan Tramper geheel van zijn bestaan beroofd, doordien dien man buiten staat is het gras af te maaijen en naar zijn huis te voeren en ook geene middelen heeft dit door anderen te laten doen.
In het belang van dien man verzoeken wij UE op hem een uitzondering te willen maken; hij is oud en zijn leven dierhalve van korten duur, het zoude ons aangenaam , dat hij tot zijn dood toe in dat genot voortdurend mogt gesteld blijven alzoo er anders voor hem niets overschiet dan diepe armoede en een last voor het Armbestuur, waarom wij hem weder als zoodanig hebben voorgesteld.
De Burgemeester
C.J. Baars

P. Boone: de voorgedragene is een arme man met een aantal onmondige kinderen welke alleen zijn onderstand moet vinden in de arbeidersstand op de wegeling

J. Schets: de voorgedragene is behoeftig door vele kinderen en heeft niet voldoende aan zijn handenarbeid om in zijn behoeften te voorzien : Kuipersweg en zaagmolenbinnendijk
A. Tramper is mede behoeftig: Doeleweg
L. Meulmeester en J. Baaijens: Nieuwerkerkse weg
P.Wondergem wonende onder Middelburg: Kraaijenholsche weg aan de Noordzijde der Middelburgse haven

Bericht aan het Diak. Armbestuur: goedkeuring Armrekening

 

Arnemuiden den 22 Maart 1856
De Kerkeraad uitmakend het Diakonaal Armbestuur der Hervormde gemeente van Arnemuiden neemt door deze de vrijheid der Regering toe te zenden de ingevulde tabel der huiszittende Armen no 10 benevens eene specifieke opgave daarbij behoorende.
De Kerkeraad der Hervormde gemeente van Arnemuiiden uitmakende het Diakonie Armbestuur voornoemd
P. van den Hoofdakker Houtzager cons
J.A. Geldof
A Buijs

Arnemuiden 31 Maart 1856
Aan Heeren GS van Zeeland
Onderwerp: Instelling Weldadigheid
Inzending van de tabel van de huiszittende Armen van het Diaconie Armbestuur en daarbij ook een memorie van toelichting waarbij bepaalde verschillen met vroeger worden toegelicht.
Ook zaken m.b.t. onderwijs en de Vreemdelingen Wet worden hierbij betrokken.
Samenvatting.
C. J. Baars

Wat de Memorie van Toelichting betreft, zijn er kleine hoofdstukken zoals : Tijdelijke bediening; kosten van beheer; onderstand van allerlei aard; in geld uitgereikt;
De instelling van Weldadigheid is van kerkelijke aard.
Doel: verzorging, ondersteuning aan de behoeftigen , zoo in bedeeling van geld en brood gemis aan kleeding en het verleenen van geneeskundige hulp en het onderwijs aan kinderen der armen zonder dat daarbij eenige voorwaarden van werk verbonden is, door dien de bedeeling gedurende het geheele jaar voor het grootste gedeelte geschied aan afgeleefde menschen en des winters bij de tijdelijke bedeeling door hun geene werkzaamheden verrigt kunnen worden.
De toestand van het Armbestuur blijft steeds ongunstig, zoo lang de visscherij niet tot vorigen bloei wederkeert ; er is weinig hoop dat dezelve zal verbeteren etc.
Arnemuiden 31 Maart 1856
C.J. Baars

Verdere kleine hoofdstukken:
Geldwaarde van al het uitgereikte: minder kleedingstukken zijn uitgereikt waardoor er minder saldo is.

Minder collecten en mindere giften

Ook minder subsidie van de gemeente

Nota betrekkelijk de inrigting van het onderwijs in de gemeente
De school van de gemeente behoort tot het eigendom van de gemeente. In 1855 94 leerlingen; 2 kinderen bedeeld en 20 kinderen van behoeftigen niet bedeeld wordende ouders , voor welk onderwijs de meester voor eerstgemelde eene belooning van het Armbestuur geniet van f.20- en voor laatstgemelde uit de Provinciale fondsen f.75- en van de gemeente f.50-
Het onderwijs geschiedt klassikaal volgens de leerwijze van Prince

Middelburg 29 Maart 1856
Er worden 2 certificaten van oorsprong aangeboden voor ongeveer 1500 calicots waarvoor men bereid is de eed af te leggen. Verzending voor particuliere rekening. Gaarne spoedige terugzending. Etc
De Heeren Salomonson etc

Proces Verbaal van de Brandspuit van Arnemuiden
Wij Commissarissen uit de Raad verklaren dat de Exercitie in de beste orde is verlopen en dat niemand zich aan enig misdrijf schuldig heeft gemaakt etc
Er zijn 2 flambouwen nodig ter verlichting van rampen des nachts . De Brandspuit heeft de vroegere kracht weer teruggekregen door middel van den Heer Peek brandspuitmaker te Middelburg etc etc.
De Commissaris uit de Raad J. van der Weele
De secretaris
Abr. Van Eenennaam.

Gemeente Arnemuiden
In kas f.402,95 ½
B & W
C .J. Baars
De secretaris
F. van Eenennaam.

Aanbevolen wordt de collecte van het Fonds tot aanmoediging en ondersteuning van de gewapende dienst in de Nederlanden.
Van Sonsbeeck voorzitter
De Stoppelaar secretaris

Arnemuiden 5 April 1856
De bovenstaande collecte wordt bij afkondiging aanbevolen.
Ook de consulent bij de Hervormde Gemeente wordt er van verwittigd.

De Collecte heeft f.2,72. opgebracht.

Arnemuiden 4 April 1856
Verschuldigde verplegingskosten van armen geen domicilium van onderstand hier hebbende
Totaal ongeveer f.45-
Handtekeningen

Arnemuiden 7 April 56
Daarvan wordt aan de betreffende gemeenten mededeling gedaan aan de gemeenten Almelo, Zoutelande en Colijnsplaat.
De Burgemeester
C.J. Baars

Aan den Gemeente Raad van Arnemuiden
Geeft met verschuldigden eerbied te kennen Pieter de Cloedt rentenier wonende te Middelburg.
Dat den ????? op de onlangs plaats gehad hebbende openbare verkooping door den Notaris Serlé door hem is aangekocht geworden de op het hoofd der Gemeente Arnemuiden staande boereschuur.
Dat hij het voornemen heeft deze schuur te verplaatsen en dierhalve wenscht af te breken.
Redenen waarom hij zich wend tot UEA eerbiedig verzoekende de noodige vergunning te erlangen om tot den voorschreven afbraak te kunne overgaan.
‘tWelk is doende etc
Pieter de Cladt??

Arnemuiden den 9 April 1856
Aan GS van Zeeland
Onderwerp: Besluit toekenning belooning redden Meerman
Op gisteren is door de Gemeente Raad alhier wegens de gunstige redding van schipper J. Meerman en zijn 5 Matroozen aan den schipper Pito Witrok te Oostende als beloning voor die redding
Voor het geval UEGA het besluit van de Gemeente toegekend eene zilveren tabaksdoos met inscriptie behelzende dat dit geschenk aan hem wegens belooning voor die redding door de Gemeente raad alhier is toegekend.
Den doos zal met inscriptie zoo circa de som van f.30- kosten, waarom wij de vrijheid nemen UEGA te verzoeken de noodige autorisatie te mogen ontvangen die uit de post van onvoorziene uitgaven over dit loopende jaar te mogen voldoen.
De Gemeente raad gevoeld zich gedrongen dien braven schipper voor zijne bewezene diensten en de aan dezelve betoonde vriendschappelijkheid , dit bewijs als aandenken van hare erkentelijkheid te schenken, zoo wel tot aansporing wanneer dergelijk ongeluk zich later mogt voordoen, weder met dezelfde bereidwilligheid de behulpzame hand te bieden, en niet gelijk de Engelsche visschers hunne in noodverkerende evenmenschen aan dezelvers noodlot en mitsdien aan een gewissen dood ten prooi te geven.
Voor het geval UEGA het besluit van de Gemeente raad wenschen goed te keuren, zoude dit ons aangenaam zijn, dat dit geschiedt door de medewerking van den Heer Commissaris des Konings aan den begiftigde werd overgemaakt.
De Burgemeester
C.J.Baars

Middelburg den 10 April 1855
EA Heeren
Een certificaat van oorsprong toegezonden over 11 7/4 Calicots voor part. Rekening.
Gaarne spoedig retour.
De Heeren Salomonson

Alimentatiekosten M.J. Le Mahieu ad f. 8,76. Met spoedige restitutie aan de Gemeente Goes.

VERSLAG VAN DEN TOESTAND DER GEMEENTE ARNEMUIDEN OVER HET JAAR 1855
Ingevolge artikel 182 der wet van den 29e Junij 1851 SB 85 door B & W dier Gemeente den Gemeenteraad aangeboden den 9 April 1856
De Burgemeester & Wethouders
C.J.Baars
De secretaris
F. van Eenennaam.
Hoofdstuk 1
De bevolking
De wettige gedomiliceerde bevolking op den 1 Januarij 1855 bedroeg 1363 zielen. Minder sterfte dan vroeger. Geen bedelaars in de kolonien van de Maatschappij van Weldadigheid.
Hoofdstuk 2: het getal kiezers: Het getal kiezers voor leden van de 2e Kamer en Prov. Staten bedraagt 18 en dat voor de Gemeente raadsleden 37 personen

Archief wordt in goede orde bewaard en van alle stukken voorzien

De begraafplaats voldoet in ruime mate aan de behoefte; de verordeningen voldoen goed
Gemeente gebouwen worden goed onderhouden: kosten f. 298,79 ½
Er zijn voldoende pachters voor de gemeentegronden: : f.853
Straten en pleinen: onderhoud f.300,87: plaats waar vis wordt verhandeld opnieuw bestraat om vuil te bestrijden.
Gemeente-polder-of buurtwegen en voetpaden: zoveel mogelijk in goede staat gebracht en voortdurend toezicht en goed hersteld; ook voorschriften m.b.t. het delven van sloten nagevolgd

Medische Policie
Gedurende den loop van dit jaar werd de gemeente zwaar bezocht door de kinderziekte: te beginnen met het jongste zoontje van van wethouder van Eennennaam. In 1853 behoorlijk gevaccineerd en toch overleden.
Een getal van 371 personen zoo kinderen als volwassenen werden aangetast, 83 lijders waren gevaccineerd 35 bezweken aan de ziekte.
Zoowel gevaccineerde als niet gevaccineerde werden aangetast, zonder dat men kan zeggen dat eerstgemelde die ziekte in lichtere mate hadden. Er kan dus aan de vaccinatie niet die waarde worden gehecht welke men aan dezelve toekende.
Velen lieten zich vroeger ook niet onderlichte dwang vaccineren; dezen zullen zich in hun mening gesterkt gevoelen.
Onder het vee geen buitengewone ziektes.
Geen verandering in de heelmeesters.

Nat. Militie
17 jongelingen hebben geloot. Gewone contingent bedroeg:4
Schutterij: actieve: 27 man; reserve : 24

Kerkelijke zaken
In deze Gemeente: 1 kerk: de Hervormde, wiens leraar dominus Haesebroeck op den 29 Maart is overleden. Het annus gratiae is door de ringbroeders van Kleverskerke, Nieuw en St. Joosland en St. Laurens voor de weduwe vervuld.
De giften door het bestuur ontvangen bedragen f. 975,65.
Legaten werden niet ontvangen

Lager Onderwijs
Op 15 Januarij 60 jongens en 32 meisjes en op 15 Julij 58 jongens en 32 meisjes
20 leerlingen f.125 subsidie provincie en gemeente(niet bedeelde ouders)
2 kinders van wel bedeelde ouders f.20- van het Armbestuur.
Onderwijzer bekwaam geassisteerd door twee kwekelingen.
Gebrek aan fondsen laten geen uitbreiding toe

Armwezen
Er is slechts 1 Armbestuur vanwege de Kerkelijke Gemeente. Voldoende geacht. Er zijn weinig of geen Roomsen. Wordt gesubsidieerd door de Gemeente. Toestand op dezelfde voet als vorig, temminste niet voordeliger door het gansche jaar na het overlijden van de leeraar. Slechts eens per zondag openbare Godsdienstoefening gehouden. Er werden 23 personen onafgebroken bedeeld en 7 weezen uitbesteed, terwijl 290 personen tijdelijk onderstand genoten. De diaconie heeft slechts inkomen door collecten en subsidien heeft een ontvangst gehad van f.1519,31 ½ en een uitgaaf van f.1518,13 ½ .
Het getal weezen en bedeelden is sedert het jaar 1854 weder met 9 verminderd, voorts heeft de bedeling aan enkelde personen meerder plaats gehad dan in het evengemelde jaar, derzelver inkomsten waren dan ook iets ruimer dan in dat jaar, ten gevolge meerder ontvang van giften, echter zijn dezelve niet toereikende ter voorziening in de behoeften van het aantal personen, welke gedurende den winter aan hare zorg zijn toevertrouwd.
Wat domicilium van onderhoud betreft geen opmerkingen.
Betrekkelijk de bedelarij valt niets bijzonders aan te merken. De veldwachter oefent een aanhoudend toezigt en zijn deswegens geene klagten vernomen.

Openbare veiligheid
Rust niet verstoord; policie voldoende. De veldwachter vervult zijn taak nauwgezet.
Wat de brandspuit betreft: was noodzakelijk herstel nodig, waardoor deze goed functionneert. Bij onverhoopten brand hopen wij met Gods zegen een goed uitslag te verwachten.
Er waren geen branden of buitengewone rampen.

Landbouw
Niet zeer gunstig: koud voorjaar: opbrengst schaars; hoge prijzen; slecht voor de burgers en vooral de armen. Geen verkoop van landerijen had er plaats.
Geen verlies van de oogst door hagel of onweder,insecten, vogels ; geen ziekten.
160 bunders bouwland bezaaid; de hoofdgewassen zijn tarwe en koolzaad; meerder vruchten worden hier niet gezaaid.
In deze gemeente bevind zich een houder van een schaapskooi.
Pluimgedierte bestaande uit 165 hanen en kippen 68 Inlandsche en Kaapsche Eenden en ganzen; voorts een aantal duiven is wel het vermelden waard.
Bijen zijn er niet

Jagt
Klein wild als hazen patrijzen; zeer voordeelig; toezicht door veldwachter en rijksambtenaren.
16 bunzingen en 1 sperwer
Dood ingeleverd premie f.5,10

Visscherij binnenwateren niet voordeelig. Bot en garnalenvangst matig; nog steeds gerucht dat oesters cholera zouden bevorderen. Roggen waren er niet, zoomin molenaars schardijn, scharretjes of panharing. 17 hoogaarzen oefenden visscherij uit.

Visscherij buitengaats
Verkeert in kwijnende staat: 14 korderschuiten. Vaak moet verkocht worden vanwege de slechte verdienste. Vis: meest schol, tong, griet. Wat rog.
1 inwoner uit Middelburg heeft een kotter laten bouwen op de werf van de heeren Smit op de Kinderdijk voor de vangst van kabeljouw

Ambachts- en Fabrieksnijverheid
In deze Gemeente bevinden zich 5 fabrijken van Callicots waarvan 4 derzelve van particuliere en 1 aan de Gemeente behoorten waarin voor rekening der Heeren Salomonson word gearbeid.
Op die fabrijken zijn 96 arbeiders werkzaam.
Als volwassen personen
32 man
52 vrouw boven de 18 jaren
Kinderen
7 jongelingen
5 meisjes van 4 tot 8 jaar
De verdiensten zijn per week
Minimum f.0,86
Maximum 4,40
Tot op de 7 à 8 maanden van het jaar, was de stand der fabrijken zeer voldoende, dan eensklaps vernamen wij zeer verontrustende tijdingen , bestaande in vermindering van loonen gepaard met mededeeling en zeer veel vrees bestaan derzelve geheel zouden moeten stil leggen en aanvankelijk mogten de werkzaamheden in de fabrijken verminderd worden en een groot aantal wevers werden successivelijk bedankt.
Dit had ten gevolge dat de wevers van het stadhuis en die der fabrijk van den Burgemeester langzaam ledig kwamen, eerstgemelde op verzoek, doordien het stadhuis als oud gebouw daarvan zeer te lijden had en wij liever zagen de andere voltallig bleven waardoor eene vermindering ontstond van 67 wevers, terwijl die des Burgemeesters tengevolge eene aanbeveling tot inrigting eener ziekenzaal voor choleralijders door hem aan de Gemeente werd overgedragen.
De stand dier fabrijken is dierhalve niet zeer gunstig, de verzending van het geweefde goed uiterst sober, weshalve bestaat er zeer veel vrees, dezelve ook langzaam zullen te niet gaan, zoo geen gunstige wending daarin mag komen.
Andere fabrijken worden hier niet gevonden.
De alhier bestaande trafijken, als timmerman, metselaar, schilder ,glazemaker, schelpmaker etc levert niet veel bedrijvigheid op, de laatste 4 vermelden heeft nog al veel werkzaamheden van buiten af, hetwelk, hetwelk hun bij de vele opofferingen die zij zich aan de visschers getroosten, nog in stand houden.
Op dezelve word behalve de compagnieschap der twee gebroeders met 11 knechts gearbeid welke f.0,80 tot f.1,20 daar verdienen.

Binnenlandsche scheepvaart
Schepen voor de binnenlandsche vaart worden hier niet gevonden, alleen die bestaan voor de vischvangst
Er bestaat in deze Gemeente een scheepswerf voorzien met twee sleden, toebehoorende aan de gebroeders Meerman; de bouwmeesters zijn zeer bekwame timmerlieden, waarom derzelver werf van vele zijden word bezocht, zoo tot herstel van schepen als den aanbouw van hoogaarzen of hengsten; gedurende dat jaar werden 3 nieuwe hoogaarzen van 16 tot 20 ton en 1 roeiboot terwijl 20 vaartuigen met geringe en groote reparatien werden opgezonden?, waaronder een groot schip van Vlissingen bestemd voor de binnenlandsche vaart, hetwelk midden door gezaagd 14 voet is verlengd.

Maten en Gewigten
Gedurende het afgeloopene jaar hadden er geene overtredingen plaats op het stuk der maten & gewigten bij onze omgangen deswegens, werden geene oude of nieuwe ongeijkte maten & gewigten door ons aangetroffen

Als tegenschatter der belastingschuldigen zijn benoemd de personen van P. Joosse en M. Kraamer
Bericht daarvan aan de Commissaris des Konings.

Colijnsplaat, 16 april 1856
Onderwerp: onderstand aan J. Prinse
Uit de ontvangene declaratie wegens onderstand aan Joost Prinse ten laste van deze gemeente over het 1e kwartaal, waarvan wij het bedrag zoodra mogelijk zullen doen overmaken, is ons gebleken dat met dien onderstand wordt gecontinueerd.
Wij wenschen onderrigt te worden van de bijzondere omstandigheden welke voor de voortdurende bedeeling van dien persoon pleiten, immers bij ontstentenis daarvan kunnen wij in die ondersteuning niet berusten en zouden ons verpligt achten in de restitutie te difficulteren. Er is toch een tijdstip aangebroken dat allerwege gelegenheid wordt gevonden om door arbeid in eigen onderhoud te voorzien, wanneer dus Joost Prinse niet door ziekte of andere omstandigheden verhinderd wordt te werken, behoort diens bedeeling op te houden.
B & W
Handtekeningen

Arnemuiden 21 April 56
Ter voldoening aan uwe missive met de voortdurende bedeeling van J. Prinse hebben wij de eer UE toe te lichten gemelde persoon sedert maanden eenen verzwakking heeft in het bovenste gewrigt van zijn arm, waardoor hij buiten staat verkeert nog tot heden eenig werk te verrigten en ware het niet dat hij door den landman W. de Troije in wiens polder hij woont & werkzaam is veel meer toegestoken, dan zoude dien man bij zijne tegenwoordige bedeeling, met vrouw en kinderen moeten omkomen.
Sedert maanden is hij onder behandeling van den Heelmeester en Lector Cornige in het Gasthuis te Middelburg, alwaar hij daaglijks naar toe gaat, doch nog weinig in beterschap toeneemt,
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 18 April 1856
Besluit Burgemeester betrekkelijk onderstand aan Catharina Wisse, wed. P. Maartense: wekelijksche onderstand van 40 cent
Op grond dat bij onderzoek is gebleken dat zij in behoeftige omstandigheden verkeert en geenen onderstand kan verkrijgen van kerkelijke of bijzondere instellingen.
Voor rekening van Arnemuiden: onderstands domicilie aldaar hebbende
B & W van Middelburg

Er word een declaratie groot f.3,78 teruggestuurd naar ’s Heer Arendkerke m.b.t. de verplegingskosten van M. Poppe. Echter deze heeft geen erkend onderstands domicilie hier.
De Burgemeester
C.J. Baars

Goedgekeurde raadsbesluit, o.a op 10 april 1856: GS van Zeeland: zie hieronder

De Gemeenteraad van Arnemuiden
Besluit:
Over den post voor onvoorziene uitgaven, kan worden beschikt tot eene som van dertig gulden tot den aankoop van een zilveren tabaksdoos met inscriptie, ten geschenke aan Pito Witrok, wegens de redding van schipper J. Meerman en zijne 5 matroozen van zijn in zee zinkend vaartuig op den 6 Februarij nr.56
Arnemuiden den 9 April 1856
De Burgemeester
C.J. Baars
De secretaris
F:van Eenennaam
Goedgekeurd door GS van Zeeland
Middelburg den18 April 1856
De Commissaris des Konings
Van Tets
De Griffier
Handtekening

Arnemuiden 23 April 56

Een declaratie van f.20- aan de gemeente Almelo wegens terugkeer van een gezin naar Almelo na verkregen onderstand. Betreft Jan ‘t Hoen En ??

Den Haag den 21 April 1856
Onderwerp: Verpleging van behoeftigen

 

Een declaratie wegens gedane uitschotten ten behoeve van Magdalena de Quelerij ten bedrage van f.31,50
B & W van den Haag

Arnemuiden den 3e Mei 1856
Aan B &W van den Haag
Onderwerp: Verplegingskosten M. de Quelerij
Wij hebben de eer UE te doen toekomen een kwitantie wegens storting groot f.32,59 en zulks tot voldoening der verplegingskosten van M. de Quelerij.
Wij verzoeken U vriendelijk aan het Algemeen Armbestuur ten Uwent te willen kennisgeven om voortaan voor onze rekening de verpleegde voor geene koorts meer in het gasthuis te willen opnemen, als beschouwen wij zulks om die reden volstrekt onnoodig, maar kan voor het geval zij in haar dienst niet mogt kunnen voortgaan naar deze Gemeente te willen zenden, daar wij geene middelen bezitten om voor koortsen, zoodanige sommen te betalen, en wij dierhalve ons verpligt zouden achten de voldoening ???? te weigeren.
Wij vertrouwen dat door UE aan ons verzoek zal worden voldaan terwijl wij de ordinantie van ???? door Heeren Regenten zullen terugverwachten
De Burgemeester
C.J. Baars

Bewijs van Vereering
Als een bewijs van erkentelijkheid wegens het redden van schipper J. Meerman en zijn vijf matroozen, van zijne op den 8 Febr.1856 in zee roerloos en nog drijvende zinkende visschuit, word den zilveren tabaksdoos met daarin gestelde inscriptie door de Gemeente van Arnemuiden,Provincie Zeeland Koningrijk der Nederlanden geschonken aan den braven en menschlievenden stuurman Pieto Witrok voerende de Visschersloep 122 en varende van Oostende Provincie West Vlaanderen Koningrijk Belgie, zoo voor die redding als liefderijke Christelijke behandeling, welke hij de uit den nood geredde schipbreukelingen aan het boord van deszelfs vaartuig heeft bewezen, met de hartelijke bede, dat God hem en de zijnen steeds zal mogen bewaren op zijne o zoo dikwijls gevaarvolle zeetogten en dat wanneer hem immer dergelijke ramp mogt overkomen hij geene mindere behandeling als hij zulks aan deze ongelukkigen bewezen mag worden verleend en geschonken.
Deze doos zij u dan steeds tot eene hoogen ouderdom eene aangename herinnering aan het verledene , aan hun welke naast God hun leven aan u te danken hebben, de Heere die u als middel hunner uitredding heeft gelieven te gebruiken, schenke u naardien rijkdom zijner Genade en goedertierenheid, eenmaal eene ruijme belooning en ingang in Zijn Hemelsch Koningrijk, zij de hartelijke wensch van hen, welke dit steeds dankbaar wenschen te blijven erkennen.
Arnemuiden 24 April 1856
De Gemeente Raad van Arnemuiden
C.J. Baars Burgemeester
De secretaris

Colijnsplaat 1 Mei 1856
Wij hebben de eer UE hierbij te doen toekomen eene kwitantie ten behoeve van den ontvanger der Directe belastingen uwer gemeente groot f.9,75 strekkende tot voldoening der ontvangene declaratie wegens onderstand aan Joost Prince, UEA verzoekende de mede hier nevensgaande ordinantie daarvoor gequiteerd terug te zenden.
B & W van Colijnsplaat

Middelburg 28 April 1856
Onderwerp: Uitreiking permissiebiljetten voor het beweiden en afmaaijen der wegen
Met verzoek deze uit te reiken
De President der Centrale Directie van Walcheren
Caland

Middelburg den 2 Mei 1856
Besluit onderstand Jacobus van Belzen voor geneeskundige hulp omdat hij onder behoeftige omstandigheden leeft. Dit voor rekening van de Gemeente Arnemuiden.
Bericht van ontvangst van burgemeester Baars

Middelburg den 5 Mei 1856
Onderwerp: Vervoer buskruit
Ik heb de eer U te melden dat den 8 dezer maand ’s Rijksvaartuig de Griet zich moet bevinden te Muiden om aldaar te laden 10000 ponden bus en die naar Rammekens te vervoeren.
Dat vaartuig zal in dit gewest den weg nemen langs de Zeeuwsche Stroomen en voorts door de Zandkreek en het Sloe.
Ik verzoek U de noodige maatregelen volgens de wet van den 26 Januarij 1815 toe te passen.
De Commissaris des Konings in de Provincie Zeeland
Van Tets

Adres ter Indiening. Exempel
Aan de beide Kamers der Staten-Generaal tot algemeene invoering van eene plaatselijke belasting op het gedistilleerd tot betere inning van plaatselijke belastingen. Ook uit zedelijkheids oogpunt om drankmisbruik tegen te gaan.
NB andere plaatselijke belastingen waren soms moeilijk inbaar door insolvabiliteit of een slechte belasting moraal.

Middelburg den 9 Mei 1856
Onderwerp: Overtreding plaatselijke belastingen
Wij hebben de eer U te doen toekomen een aan ZM ingediend adres van J.H. van Weerd weversbaas en broodverkooper wonende in uwe gemeente, houdende verzoek om gratie of wijziging der straf waartoe hij bij vonnis van de Arrondissements Regtbank te Middelburg in dato 22 April 1856 is veroordeeld, wegens overtreding der plaatselijke belastingen bij de invoering van brood. De tot dat adres betrekkelijke stukken, waaronder het advies der Arr. Regtb. Zijn hiernevens gevoegd.
Gelieft ons daarop te dienen van raad en berigt onder terugzending der stukken.
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter
Handtekening griffier

Arnemuiden den 14 Mei 1856
Rapport adres van Weerd
Betrekkelijk het adres aan de koning: overtreding op het punt van de belasting op het gemaal: reeds op 5 maart jl is ons gevoelen in deze zaak aan den Heer Officier van Justitie kenbaar gemaakt. Stellig en wetens heeft van Weerd de overtreding begaan, daar hij de vrouw van Meulmeester welk voor hem brood gehaald heeft de noodige last heeft gegeven, dat haren man het brood zoude gaan halen, en dat zijn meester sub-ontvanger der accijnsen zijnde niet beter wist of het billet der pl. Belasting zoude door hem worden afgehaald? Dat bij dien last uit vrees van uit de fabriek weggezonden te zullen worden niet kon weigeren en dierhalve daaraan geen de minste schuld had.
Dat dierhalve zijne aangewende verschoning bezijden de waarheid was en mitsdien geen goed middel om kwijtschelding te verkrijgen der hem opgelegde boete alsnu daar in nog een schijn van kans, alsof de regtbank de hem opgelegde straf verkeerdelijk zoude hebben toegepast.
Dat wij ongaarne zouden zien hij geheel en al die boete zag? Ontheven etc
Verder niet goed leesbaar

Middelburg 15 Mei 1856
EA Heeren !
Ter verhandeling toe te zenden een certificaat van oorsprong over 500 st 5/4 callicots waarover wij desgevorderd bereid zijn de eed af te leggen.
De verzending geschied door de NHM.
Gaarne spoedig retour!
UEADWDienaar
G & H Salomonson.

Middelburg 15 Mei 1856
Onderwerp: Herijk
Ik heb de eer U kennis te geven dat er tot den Herijk der maten en gewigten in de gemeente Arnemuiden ook voor Nieuw-en St. Joosland en Kleversklerke zal gevaceerd worden op maandag en dingsdag den 26, 27e mei aanst. Van den voormiddag 9 tot des namiddags 1 ure.
Ik noodig U beleefdelijk uit de belanghebbende besturen hiervan wel te willen informeren een geschikt lokaal disponibel te stellen alsmede de ijkpligtigen waarvan ik eene opgave van U verwacht te doen waarschuwen.
De Arr. IJker
Handtekening

Middelburg den 17 Mei 1856
Onderwerp: uitslag onderzoek loteling
Ik heb de eer U te kennen te geven dat de loteling der Nat. Militie van de ligting van het loopende jaar Marinus de Nooijer behorrende tot Uwe Gemeente, die bij zijne opkomst, ter inlijving op den 15 dezes is gebleken beneden de maat te zijn. Cornelis Adamse is de volgende op de lijst nummer 10 als vervanger.
Etc.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Arnemuiden den 19 Mei 1856
Aan Heeren GS van Zeeland
Door de Commissie van de Keersluis is ons te kennen gegeven, dat ten gevolge een door hen gedane herstelling aan de Keersluis wegens eene grondverplaatsing op de zijde der rijsberm, welke ongeveer f.411? zoude kosten een tekort van f.300- en dat de Commissie in billijkheid heeft gemeend dat dat in dat bedrag Arnemuiden f.50- zoude behooren te dragen, terwijl de Heer Le Nobel op zich heeft genomen daar in f.125- te zullen betalen en de polders in het Nieuwland waren verzcht de overige f.125 door de ingelanden der daarin ????? polders te doen omslaan.
De Gemeente raad van de billijkheid overtuigd, heeft dan ook geene zwarigheid gemaakt om de verlangde f.50- in die kosten uit de Gemeente fondsen te voldoen, weshalve wij de eer hebben UEGA te doen toesturen een besluit van gezegde raad, ten einde deze onkosten met Uwe magtiging te voldoen uit de post van onvoorziene uitgaven.
De Burgemeester
C.J. Baars

Negative verklaring betrekkelijk den onderhoud van de Molenpolder te Arnemuiden

Bericht collecte J.Meerman
Walcheren f.273,91 ½
Zierikzee en Tholen f.263,76 ½
f.537,67
Zeeuws Vlaanderen f.101,58 en f.730, 75 ½ = f.832,36 ½
nog een aanvulling Zeeuws Vlaanderen van f. 91, 67 ½ : samen f.924,04
Extract uit het verbaal van GS van Zeeland
Vrijdag den 16 Mei 1856
Vervolgens overwogen de door den Heer Commissaris des Konings overgelegde brief van B & W van Arnemuiden van den 14 Februarij betrekkelijk het verongelukken van het vaartuig van den visscher Jacobus Meerman aldaar, en het doen eener collecte door dien visscher behalve in de provincie ook in andere provincien des Rijks benevens:
In sommige steden van Zuid-en Noordholland
Toestemming: t/m den laatsten Julij 1856 een collecte te houden.
Als de collecte de hoogte van 1000 gulden heeft bereikt, mag niet verder gecollecteerd worden
Van Tets

Arnemuiden 18 October 1856
Aan GS van Zeeland
Onderwerp: Collecte
In voldoening aan het slot van UEGA besluit van den 16 Mei jl gevoegd geweest bij UEGA schrijven van dien datum hebben wij de eer UEGA te berigten dat door schipper Meerman de collecte in Zeeland is voleindigd en hij in de onderscheidenen Gemeenten heeft gecollecteerd eene som van f.924.04.
Wij kunnen niet nalatenUEGA erkentelijkheid voor de verleenden gunst aan gemelde schipper bewezen toe te brengen, de opbrengst zijner collecte gevoegd bij de vrijwillige inteekening pm. F.800 bedragende, zal hem met geringe opoffering weder in staat stellen , om al moet zijn vaartuig dan iets minder en van eene andere constructie zijn, zich in zijne behoeften te kunnen voorzien.
Onder dankbetuiging dier weldaad bevelen wij dan ook dien persoon in onze gemeente in alle voorkomende omstandigheden in UEDGA gunstig aandenken aan.
De Burgemeester
C.J. Baars

Een declaratie wegens verschuldigde verplegingskosten ten behoeve van Lourina de Kam, wed. de Nooijer, domicilie van onderstand hebbende in Zoutelande
Het Armbestuur te Arnemuiden
Buijs en Odding

Bericht daarvan f.27-onderstand aan de gemeente Zoutelande

Arnemuiden den 23 Mei 1856
Bij het Armbestuur heeft zich aangemeld Willemina Kuiper, geb.14 december 1825 te Middelburg, meerderjarige dochter van Pieter Kuiper, voor enige weken alhier overleden, ten einde een wekelijksche bedeeling te mogen ontvangen.
Deze jonge dochter heeft maar 1 hand, kan onmogelijk de kost voor zich verdienen.
Een bedrag van 60 cents : onderst. Domicilie Middelburg.
Het Armbestuur
Odding en Buijs

Arnemuiden den 24 Mei 56
Bericht daarvan aan de gemeente Middelburg

27 Mei
Afdeeling Kabinet met 3 afzonderlijke bijlagen
Zij deze gesteld in handen van B & W van de gemeente Arnemuiden om raad en berigt
De Griffier Provincie Zeeland
Onder terugzending der stukken gevoegd op het adres van de weduwe H. Haesebroeck houdende verzoek dat zij in hare bekrompene toestand door het Departement van de Zaken der Hervormde Eeredienst eerst? in het genot mogt worden gesteld van het Predikants Weduwe pensioen, groot een honderd gulden.
Zoo hebben wij de eer Uwe Excie ter kennis te brengen dat deze weduwe volstrekt niets bezit om in haar onderhoud te voorzien, dan eene pensioen van f.75 in het jaar van de Commissie tot bijeenbrenging van een fonds voor de strijders op de citadel van Antwerpen omliggende forten en de Schelde waarvoor haar eerste man als vrijwillig loods zijnde op een van ZM Kanonneerbooten is gesneuveld, zoodat wij alle vrijheid gevoelen het verzoek van de adressante krachtig te ondersteunen, opdat aan haar verzoek door het Departement van Eeredienst een gunstig gevolg mag worden gegeven.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 27 Mei 1856
Betreft het verleenen van onderstand aan Willemina Kuiper

Arnemuiden 28 Mei 1856
Bericht aan de Commissaris des Konings dat voldaan is aan de wet van 24 Ventose 4 jaar tot uitroeing van rupsennesten en nesten van schadelijk gevogelte. Er heeft behoorlijke schouwing plaatsgevonden etc.
De Burgemeester

Middelburg den 27 Mei 1856
Ik heb de eer UEA hiernevens in te zenden eene declaratie van in eersten aanleg gevallene kosten inzake betrekkelijk overtreding op het stuk van plaatselijke Belasting te Arnemuiden, aangelegd ten laste van Johannes Hendrik van Weerd en Marinus Meulmeester te Arnemuiden groot f. 9,60 ½ veroordeeld bij vonnis dd 7 februarij 1856.
En nemen de vrijheid UEA op grond van ZM Besluit van den 22 Februarij 1825 no 162 te uwer rekening gezegde som te doen uitbetalen.
De Griffier der Arr. Regtbank te Middelburg
Lantsheer

Arnemuiden 31 Mei 1856
UEA Heer !
Op het register heb ik onderzocht Antje Flierman en bevonden dat zij is in de ???? jaren ; waardoor zij in droevige omstandigheden reeds lang verkeerdt heeft, dog door vijandige gezindheid van wege het Armbestuur dezer Gemeente werd van de hand gewezen, en ik in gemoede kan verklaren dat zij hoog nodig Geneeskundige hulp behoeft en door mij ????? wordt
UEDW Dienaar
J. Oversluijs

Arnemuiden 31 Mei 56
Toezending van een Besluit van de Burgemeester van Arnemuiden aan B & W van Brummen
De Gemeenteraad van Arnemuiden.

 

Besluit
Over den post voor onvoorziene uitgaven kan worden beschikt tot eene som van vijftig gulden
Voor buitengewone bijdragen in de kosten van herstel eener plaats gehad hebbende verzakking of grondverplaatsing aan de Keersluis.
Arnemuiden den 19 Mei 1856
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 31 Mei 1856
Onderwerp: Calicotsfabrijken
Toen in het vorige jaar verschillende gemeentebesturen mijne tusschenkomst hadden ingeroepen om van de Regering de instandhouding der Zeeuwsche Calicotsfabrijken te verkrijgen, heb ik tot dat einde pogingen aangewend bij de Minister van Kolonien en van Binnenlandsche Zaken en ook bij de firma G.H. Salomonson.
De Minister van Kolonien gaf mij te kennen dat de moeijelijkheden waarmede de Calicotsfabrijken in Zeeland te kampen hadde, door de Regering of door de Handelmaatschappij niet uit den weg konden worden geruimd; dat die moeijlijkheden niet alleen in Zeeland maar ook in Overijssel bestonden; en dat naar aanleiding der laatst gesloten overeenkomst met de Handelmaatschappij de Regering zich met de bevordering van het afzetten der Nederlandsche Katoenfabrijken in Oost Indie niet meer kan inlaten.
Intusschen onttrok de Handelmaatschappij hare ondersteuning aan deze fabrijken niet geheel.
Zij stelde in October ll eene algemeene inschrijving open voor 100.000 stuks waaraan de firma G.H. Salomonson kon deelnemen.
Het schijnt dat de bezwaren voor die firma sedert zijn toegenomen. Ik ontving althans den 25 dezer een brief van den Heer Salomonson alhier, waarin gemeld wordt, dat die firma tot de opheffing der Calicotsfabrijken in Zeeland heeft besloten; dat een groot gedeelte der werklieden reeds is ontslagen en dat weldra de nog overgeblevenen zullen worden afgedankt.
De Heer Salomonson meldt mij nog, dat hij herhaaldelijk heeft gepoogd de zaak der weverijen aan anderen over te dragen, doch dat hem zulks is mislukt.
Het doet mij leed, U geen beteren uitslag mijner pogingen te kunnen melden.
De Commissaris des Konings
In de provincie Zeeland
Van Tets

Arnemuiden den 2 Junij 1856
Wij hebben de eer UEA ter kennis te brengen en in overweging te geven of het niet raadzamer en voordeeliger voor de gemeente Nieuw en St. Joosland zoude zijn om A. Theune die bij voortduring in denzelfden ongelukkigen toestand is verkeerende, naar het gasthuis te Middelburg ter verpleging te doen overvoeren.
Genoemde man toch is sedert 19 Febr. Dezes jaars alhier onder geneeskundige behandeling geweest, en heeft gedurende dien tijd 75 cents per week onderstand genoten, lijdt evenwel met zijn huisgezin overgroote armoede, en blijft, naar het lighaam in denzelfden toestand; waarom wij bij UEA aandringen aan voornoemde gemeente te verzoeken, hem hoe eerder hoe liever, naar het gasthuis over te brengen, opdat hij onder den zegen Gods aldaar spoedig moge herstellen en voor zijn huisgezin het dagelijksch brood te kunnen verschaffen.
Het Armbestuur van de gemeente Arnemuiden
Joh: Odding pres
A Buijs adm.

Middelburg den 2 Junij 1856
Met toezending van een verzoekschrift om gratie aan ZM den Koning gerigt door Cornelis de Nooijer te Arnemuiden ingediend bij vonnis der Arr. Regtbank dd 2 Mei ll veroordeeld tot eene gevangenisstraf van zes maanden, ter zake van diefstal op den openbare weg, heb ik de eer UEG te verzoeken mij in verband met het verzoek omtrent den requestrant wel te willen dienen van schriftelijk berigt, consideratie.
De Officier van Justitie
Van Son subst.

Arnemuiden, den 3 Junij 1856
Aan den Heer Officier van Justitie
Onder terugzending van het adres van C: de Nooijer, ingediend aan ZM den Koning tot het bekomen van gratie, wegens een ten zijnen laste door UEA geslagen vonnis, mij terhand gesteld zijnde om berigt en consideratie, zoo hebben wij de eer UEA te berigten dat wij geene vrijheid gevoelen op dat verzoek een gunstig advis uit te brengen, wel is waar is de diefstal gering, doch kunnen niet instemmen, dat het meer een grap dan een misdaadig oogmerk gepleegd bedrijf was, waar het zoo dan had hij het ontvreemde onmiddellijk wedergegeven, maar niet verkocht en tot welke daad volstrekt geene noodzakelijkheid bestond, alzoo hij ????????, zoo niet wegens stoutigheid ?????? de fabrijk verlatende eenige noodzakelijkheid bestond dat kwaad te verrigten, om langsdien weg eenige centen te hebben, om hunne snoeplust te verzadigen, bovendien is het een zeer ondeugende onverschillige en onverstandige jongen, welke bij het verhoor door den Burgemeester over die zaak, in plaats van verslagen al lachende voor hem verscheen en tot zeer veel verdriet van zijne moeder en grootelijks de oorzaak dat zijn aangetroude???? Vader, wien hij ook tot veel smart was, gesepareerd? van zijne moeder leefd, wij hopen dierhalve dat zijne welgepaste straf hem zeer tot zijn nut zal wezen, waarom wij geene kwijtschelding noch verzachting kunnen voordragen.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 3 Junij 1856
Onderwerp: werving voor de Zeedienst
Kennisgeving daartoe door het lid van GS bij afwezendheid van de Commissaris
P.C. van Ctters

Brummen den 3 Junij 1856
Ik heb de eer Uw Mijne Heeren de goede ontvang te berigten van een besluit tot opneming in geneeskundige verpleging van A. Flierman
Etc.Handtekening van de wethouder

Den Haag 5 Junij 1856
Toekoming kwitantie t.b.v. de verpleging van Magdalena de Quellery
B & W van den Haag
Handtekeningen

PUBLICATIE LOTING VOOR DE SCHUTTERIJ

Middelburg den 6 Junij 1856
Onderwerp: Heffing havengeld
Over een adres dat door de beschikking van de Minister wordt aangehouden

Brummen den10 Junij 1856
De kosten van de verpleging van A. Flierman zullen door ons worden vergoed, met verzoek zodra zij hersteld is elke buitengewone bedeling te doen ophouden.
Handtekeningen

Middelburg den 30e Mei 1856
Er is een ontwerp vervaardigd voor een Reglement van administratie der polders in deze Provincie etc
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter
S. van der Swalme griffier

C en D
MEMORIE VAN TOELICHTING
MEMORIE betreffende de bijdragen voor en de geschoten van de calamiteuse polders in Zeeland
Zie hiervoor het origineel in het Archief.
BIJLAGE A
ONTWERP-REGLEMENT van Administratie der Polders in Zeeland opgemaakt door de Commissie uit de Provinciale Staten van Zeeland
125 artikelen
Vastgesteld
Aldus vastgesteld in de vergadering der commissie te Middelburg
J. Fransen van de Putte, voorzitter
B.C. Cau
Wagtho
M. Mazure
P.Beumer Hardenberg, secretaris

Middelburg den 13 Junij 1856
Onderwerp: Bedeeling W. Kuiper
Het Gemeentebestuur berust in de aan Willemina Kuiper verleende onderstand etc.
B & W van Middelburg. Het gaat over een bedrag van f.60-
Paspoort
M.F. Lantsheer

Daarvan wordt bericht gedaan aan het Diaconaal Armbestuur .

 

Middelburg 15 Junij 1856
EAHeeren
2 certificaten van oorsprong over 1000 5/4 & 10007/4 Calicots, daartoe bereid den eed af te leggen.
De verzending is gedeeltelijk voor rekening van NHM / particuliere rekening.

Daarvan bericht aan de Minister van Kolonien te den Haag

Middelburg den 20 Junij 1856
Het verzoek van J.H. van Weerd om gratie is van de hand gewezen.
GS van Zeeland
Handtekeningen

Middelburg den 20 Junij 1856
Onderwerp: bedijking van 72 bunders schorren in het Sloe ten oosten van den Bastiaan de Lange Polder.
GS van Zeeland

Middelburg den 23 Junij 1856 en hebben
Armwezen: vorderingen ten bedrage van f.80,69 ten laste van de Gemeente Arnemuiden.
Het betreft een 10 tal personen , reeds eerder vermeld.

Arnemuiden 28 Junij 1856
Onderwerp: verzetting jaarmarkt
Hoezeer wij voor onze gemeente geene bezwaren hebben dat door den Raad der gemeente Hulst eene verzetting der jaarmarkt plaats heeft, zoo doet het ons echter leed dat dit dit jaar? Op eene zondag moet beginnen en hebben wij geene vrijheid als de vraag aan ons gerigt te mogen zwijgen.
De Zondag is bestemd tot uitoefening van Godsdienst en God wil dat dezen dag gezegend en geheiligd worde, zoodat het schepsel ??????? onleesbaar
Op dezen dag mag derhalve geene vreugden feesten plaats hebben, veel minder ijdele kermissen die tot vele zonden leiden.
Ook heeft onze geeerbiedigden Koning inde voortdurenden handhaving derzelve wettelijk vastgesteld.
Zulks geoordeeld waarom ZM niet gewild heeft ?? dat op dien dag te minsten niets onder de Godsdienst oefening vermakelijkheden plaats vinden.
Door de instellng eener jaarmarkt op zondag, zal derhalve zeker het gebod Gods en ’s Konings Wet!! Worden overtreden, en meenen wij UEGA in overweging te mogen geven de Gemeente Raad van Hulst daarop te wijzen dat zij van dat plan veranderen en dien niet?? geschonden worde.
De Burgemeester
C.J.Baars

Middelburg den 20 Junij 1856
Onderwerp: Kinderziekte
Het door U aangeteekende in het 6e hoofdstuk van het onlangs aan den Raad uitgebragt en ons toegezonden verslag van den toestand Uwer gemeente omtrent de koepokinenting en hare waarde als voorbehoedmiddel tegen de kinderziekte hebben wij belangrijk genoeg geacht, om daarop de aandacht van de provinciale Geneeskundige Commissie in dit gewest te vestigen.
Die Commissie heeft daarop een bepaald en naauwkeurig onderzoek naar de door U bijgebragte bijzonderheden ingesteld, waarvan zij ons den uijtslag bij hare missiven van den 11e dezer heeft medegedeeld.
Volgens dat schrijven zou het zoontje van het lid Uwer Vergadering van Eenennaam dat het eerst in Uwe gemeente door de kinderziekte werd aangetast, en daaraan bezweken is, werkelijk in, naar het schijnt, met goed gevolg in 1853 zijn gevaccineerd geworden. De Commissie vestigt,er evenwel er de aandacht op dat het kind kort te voren van eene zenuwziekte geleden had en destijds door eenen geneesheer uit Middelburg waar toen de pokken bestonden, is behandeld geweest.
Neemt zij dit in aanmerking, let, zij op het dagelijksch verkeer der ingezetenen tusschen Uwe en evengemelde gemeente en overweegt zij eindelijk, dat de vader van het kind een wel beklanten bakkerswinkel heeft, die dagelijks door vele menschen wordt bezocht het, kan, naar het oordeele der Commissie, evenmin bevreemden dat het verzwakt en gevoelig gestel van het lijdertje voor den invloed van het pokgift wederom vatbaar is geworden, als dat het kind door de ziekte is aangetast.
Ook de voortplanting der ziekte laat zich volgens de commissie zeer goed verklaren.
Het bezoeken der besmette woning moge volgens het verslag zooveel mogelijk zijn afgezonderd, de gemeenschap daarmede is niet geheel afgesneden—noch den toegang tot den winkel verhinderd geweest. Zoo heeft de ziekte dan ook spoedig zich juist geopenbaard in een huisgezin waarvan de moeder met dat van den wethouder Eenennaam in aanraking was geweest, de wachtvrouw namelijk, die met de oppassing zijner kinderen belast was.
Dat verder de ziekte zich algemeen in Uwe gemeente heeft verspreid moet volgens de Commissie daaraan worden toegeschreven, Dat de koepokinenting gedurende ettelijke jaren in Uwe gemeente zeer is verwaarloosd geworden, door het groot aantal der ongevaccineerde toch werd de vatbaarheid voor de kwaal voor de ingezetenen zeer vermeerderd.
Tot bewijs beroept de Commissie zich op de andere gemeenten in dit gewest, waar de ziekte mede heeft geheerscht, maar waar bij eene dikwerf grootere bevolking het cijfer der aangetasten op verre na dat van Uwe gemeente niet heeft bereikt.
Doch niet alleen daar maar in uwe eigene gemeente is volgens de Commissie het groote nut der vaccine gebleken.
Zij wijst daartoe op de getuigenissen van de verschillende geneesheeren welke de zieken bij U behandeld hebben.
Zoo schreef een hunner aan de Commissie dat het aan vele bewijzen niet ontbreekt dat in huizen door kinderziekte besmet geweest juist de gevaccineerden bevrijd bleven. Een ander bevestigde dit en bracht onderscheidene voorbeelden bij. Deze wees namelijk op het huisgezin van J.L. de Troije met 7 kinderen waarvan de 5 gevaccineerden van de kinderziekte bevrijd bleven, in tegenstelling van twee die niet ingeënt door de ziekte werden aangetast; verder op het huisgezin van J. Sch. met 5 kinderen waaronder 1 gevaccineerde die ook allen van de pokken verschoond bleef, eindelijk op dat van J. Bliek met 2 kinderen, waarvan het een wel en het ander niet was gevaccineerd—het gevaccineerde bleef vrij, het andere bezweek.
Wijders hebben de geneesheeren eenstemmig verklaard dat zij in den loop der ziekte bij gevaccineerden en niet gevaccineerden een aanmerkelijk verschil hebben waargenomen; bij de eersten werd zij over het algemeen zeer gemakkelijk doorgestaan en waren het zeer enkelvoudige pokken, bij de laatsten zeer zamengesteld en ineenvloeijend.

In Uwe gemeente is dus weder gebleken, wat de ondervinding volgens de Commissie, zoo wel in ons land als in alle andere geleerd heeft, dat namelijk gevaccineerden veel minder hebben te lijden wanneer zij door de ziekte worden getroffen dan ongevaccineerden.
Zeer ten onregte naar het ons voorkomt, is bij gevolg door U in het verslag gezegd, dat aan de vaccine niet die waarde kan of mag gehecht worden, welke men daaraan toekent, omdat hetgeen in Uwe dienaangaande is waargenomen duidelijk het tegenovergesteld heeft doen ondervinden.
Onder de 371 in het vorige jaar ten uwent door de kinderziekte aangetaste personen mogen 83 gevaccineerde geweest zijn, bij de groote vooringenomendheid welke daartegen in Uwe gemeente bestaat, zou het zeker weinig zijn te verwonderen wanneer vele hunner na het ondergaan der kunstbewerking niet die behandeling hebben ondervonden welke een vereischte is om daarvan een goed gevolg te mogen verwachten.
Maar wat hiervan zij, dit is althans zeker, dat van de 35 lijders die aan de ziekte bezweken zijn, blijkens de door U aan onzen voorzitter ingezonden weekstaten slechts 3 gevaccineerden waren.
Wij hebben ons verpligt dat een en ander onder Uwe aandacht te brengen, Wij achten het zelfs noodig, dat door U daarvan mededeeling aan den Raad geschiedde, ter wegneming van den welligt minder gunstigen indruk die Uw verslag op deze vergadering mogt gemaakt hebben.
Wij verzoeken U daarom dit te doen en besluiten vooreerst, met U ernstig te waarschuwen van Uwe zijde alles te vermijden wat de ingezetenen in hun vooroordeel tegen de vaccine zou kunnen sterken en ten andere met U dringend aan te bevelen van Uwen kant dat vooroordeel integendeel bij iedere gepaste gelegenheid te bestrijden.
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter
Handtekening van de Griffier

Arnemuiden 30 Junij 1856
De inhoud van UEGA missive van de 20 dezer maand verpligt ons daarop te moeten antwoorden daar het is daar wij voor wenschen te waken, want het verslag door ons aan de vergadering gedaan is niets , zoo men dat noemt, uit de lucht gegrepen, maar rust wel ter deeg op hetgeen wij daarvan gezien, van den belanghebbende zieken vernomen en gehoord hebben, daar wij vooral naauwkeurig nagevraagd en onderzocht hebben.
Alvorens deze onze grond mede te deelen zoo vergun ons op het berigt der Prov. Geneesk, Commissie te mogen opmerken
Het is waar dat het kind van van Eenennaam aan een zenuwziekte geleden had, doch volgens verklaring van den vader reeds ruim 6 weken hersteld, eer hetzelve door de kinderziekte werd aangetast en gedurende al dien tijd verder in geene aanraking met den geneesheer is geweest.

Dat nu volgens het gevoelen der commissie het lijdertje wegens zijne ziekte vatbaar voor de pokgift is geworden, hetwelk behoorlijk was gevaccineerd, laten wij daar, maar toch baart het bij ons verwondering dat juist dit kind, welke volgens sustenu der Commissie dor anderen wegens hun verkeer zoude besmet zijn, eerst met die smetstof is begiftigd en niet eerst zoo veel andere, die niet gevaccineerd zijn en daaglijks in Middelburg verkeeren en daar zelfs hetzij met poklijders hetzij met hunne betrekking regtstreeks in aanraking kwamen.
Het is waar dat de vader van het kind , een welbeklante winkel heeft, echter gedurende zijn zoontje aan de kinderziekte lijdende was merkbaar minder werd bezocht, dat de kamer waarin het kind ziek lag, natuurlijk van winkel en bakkerij was afgescheiden en dat dagelijks berooking tot wering der smetstof plaatsvond.
Dat de koepokinenting in onze gemeente gedurende ettelijke jaren zoude verwaarloosd zijn, kunnen wij zoo gereedelijk niet toestemmen even hetzelve schreef ook vroeger den Heer voorzitter dier Commissie ons en hebben wij dit door tegenbedenking weder beantwoord.
Het heugd ons zeer goed, dat nu wijlen de heer van Opdorp, zich nog eens ter deeg heeft doen gelden, daar hij meende de meeste vaccinatien verrigt te hebben en niet begiftigd werd, maar wat hiervan zij, dit is echter zeker dat ten jare 1842 de Heer Oversluijs als in deze Gemeente de meeste vaccinatien in de Provincie verrigt hebbende met de goudene medaille is bekroond geworden, dit bewijs pleit zeer tegen het aangevoerde der Commissie,terwijl in 1851—122 in 1853 52 en 1855 no 42 kinderen zijn gevaccineerd.
Wij willen wel niet ontkennen dat er niet veel ongevaccineerden zijn, maar de ondervinding bij het ontstaan der kinderziekte zoo nu als de vorige keer, doet hun zeggen, het helpt niet want wij zouden u gevaccineerden van de vorige en nu van de laatste keer kunnen aantoonen, die zeer geschonden zijn of liever gezehd??, waar dezelve diep ingezworen hebben in onzen invloed bij die overtuiging ???, zet weinig klem bij, niettegenstaand het niet aan ons gemankeerd heeft, hun te vermanen te waarschuwen en op te wekken, dit bewijst nog de volgende periode in eene publicatie, die op alle hoeken der straten is afgelezen, strekkende tot het niet afleggen van bezoeken bij zieken, het lugten en zuiver houden der woningen .
Zij ( nametlijk de ingezetenen) worden tevens aanbevolen hunne kinderen te laten vaccineren, alzoo het grootste gedeelte der ongevaccineerden door deze ziekte worden aangetast ( 15 Augustus 1855)
Bovendien werd hun de gunst ontzegd van school te mogen gaan, want geen ongevaccineerden, noch leden van huisgezinnen waar de kinderziekte heerschte, werden op de school toegelaten, hierop werd streng gewaakt.
Wat nu het raport der geneeskundigen betreft, daar valt wel op af te dingen.
Zooals wij op den 20 Aug. Van dat jaar aan de Heer Voorzitter der Commissie melde, zijn er weinige geweest die geneeskundige hulp hebben ingeroepen, als de meeste van goeden aard, dit is ook niet ongegrond, want van de 371 poklijders riepen er slechts 36 hulp in, inderdaad? Had Oversluijs 9 en Noom 1 gevaccineerde en ongeroepen leiden zij bij de poklijders geene bezoeken af, zoodat onzens inzien hun raport niet op een algemeene ondervinding gegrond is, ook zij kunnen tegen over gemelde gevallen mededeelen??
Drie huisgezinnen door de Heer Noom opgegeven, waar de gevaccineerden vrij bleven en de niet gevaccineerde aangetast.
Dit berigt is echtter niet geheel juist.
J.L. de Troije heeft 8 kinders, 7 waren daarvan gevaccineerd, 1 vermeld onder no 67 der staat was gevaccineerd en 1 niet gevaccineerd no 137, beide kregen de kinderziekte en volgens gedane mededeeling van gemelden de Troije lid van den Raad zijn de pokken bij den ingeenten dieper ingezworen dan bij de niet ingeenten, ook verklaarde hij ons dat zijne vrouw mede ingeent zeer aan de pokziekte geleden heeft over haar geheele lighaam groote bladderen gehad heeft, echter niet gezworen hadden.
J. Schets met 5 kinderen 1 gevaccineerd 4 niet gevaccineerd hiervan kregen er 3 de kinderziekte, 1 gevaccineerd en 1 niet gevaccineerde bleven vrij.
J. Bliek met twee kinderen waarvan het eene te ziek en te zwak was, dat het gevaccineerd werd, dit is gestorven, of ook de kinderziekte hier alleen oorzaak is, stellen zij tegen over dat van de wethouder van Eenennaam, daar de zenuwziekte als oorzaak der gevolgen wordt beschouwd.
Daar nu dit raport niet juist is, kunnen wij ook niet toestemmen dat in onze gemeente blijkens het raport der geneeskundige Commissie gebleken is, de gevaccineerden minder hebben te lijden gehad dan de niet gevaccineerden, wij laten daar wat in een andere Gemeente heeft plaats gehad, waar wij echter toch weten?, dat de gevaccineerde toch niet alle vrij bleven.
Ook wij weten tegenovergestelde voorbeelden en waarop ons raport berust.
Bij de wethouder van Eenennaam werden behalve zijn zoontje die daarmede eerst werd bezocht nog twee gevaccineerde aangetast, zijne huisvrouw niet gevaccineerd of nimmer de kinderziekte gehad, word verschoond, niettegenstaande zij haar lijdende kind dus tot den einde toe heeft opgepast.
Zekeren Pieter de Nooijer voorkomende ondere no 197 der staat was nog onlangs onder de Militaire dienst gevaccineerd, was uitermate voor de kinderziekte bevreesd, zoodat hij een en tweemaal per week uit zee komende, zorgvuldig meed met geen poklijders in aanraking te komen, hij kreeg dezelve allergeweldigst: zijn linker oog zwoer uit mitsgaders een gat in de neus en na veel lijdens bezweek hij eindelijk.
Het jongetje van Jacob Poortvliet voorkomende onder no 182 in den jare 1853? blijkens de bij ons voorhanden zijnde staat onder no 4 voldoende gevaccineerd, ook hebben wij de ouders na den afloop gevraagd, en de moeder voormalige wachtvrouw bij den Burgemeester, verklaarde dat de dat de ingeente pokken allerkeurigst hadden gezworen en haar jongetje een zeer opgezette arm had gehad.
Dat jongetje werd ook aangetast in eene groote mate, zoo zelfs het blind gelegen heeft en bij wie de pokken wel degelijk diep ingezworen hebben, niet minder dan bij sommige andere, nog goed zigtbaar.
Meerdere voorbeelden zouden wij kunnen bijbrengen, maar wij willen het er nu bij laten, het strekt alleen tot tegenbewijs van hetgeen de geneeskundige hebben berigt, welke zeker wegens ingenomenheid met de vaccine het gunstige berigten en het ongunstige verzwijgen, hoezeer hun dit ook wel bekend is.
Wij laten nu aan UEGA over of ons verslag op waarheid gegegrond is of niet, wij voor ons meenen van ja, hadden wij het eene gezegd en het andere verzwegen, dan zouden wij de waarheid hebben tekort gedaan, en dat doen wij met met evengelijke voorbeelden gelijk ons verslag luid, kunnen worden bijgebragt, zoo veel van niet gevaccineerde als gevaccineerde, en naar luid van art 7 van het KB van den 29 Febr. 1848 hebben wij vermeend aan den raad en zoo verder aan de Provinciale enz. te moeten mededeelen, en wel met die bijzonderheid die ons daarvan bekend waren.
Of nu onze handeling die op waarheid gegrond is, eene zoo ernstige waarschuwing en vermaning, die ons grieft verdiend word, betwijfelen wij, wij hebben naar onze overtuiging de waarheid vermeld en mogen wij dat niet, dan willen wij liever onze betrekking ter neer leggen, dan ??? handeling en iets betuigen dat geene waarheid bevat.
Wij hebben het voornemen, uwen brief aan de Gemeenteraad voor te lezen, dan die is evenals wij met de zaak bekend, terwijl in het openbaar door ons de waarde der vaccine niet gesproken word en dierhalve de ingezetenen in hun vooroordeel niet zullen sterken, terwijl de aanbeveling der vaccine aan de ingezeten blijkt uit het voren aangehaaldene en thans medegedeeld , daarvan gebruik te maken.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg 3 Julij 1856
EA Heeren !
4 certificatenvan oorsprong over 500 5/4 3500 6/4 calicots, waarvan de verzending voor particulier rekening; beried tot eed. Gaarne zsm retour.
G &H Salomonson
Hendrix

Berigt daarvan aan de Minister van Kolonien

Toestemming van d CDK aan Johannis Crucq met het oog op de verspreiding van de longziekte ter weiding te vervoeren naar zijne weide
Twee zwart bonte vaars koeijen oud 2 jaren.
Regel: afgescheiden van het andere vee,
De Commissaris
Van Tets

Middelburg 7 Julij 1856
424 7/4 calicots met certificaat voor particuliere rekening. Gaarne spoedige terugzending. Etc
G & H Salomonson

Reactie daartoe van de burgemeester

Middelburg den 9 Julij 1846
Onderwerp: pensioen wed. Haesebroeck
IK heb de eer Uwe vergadering mede te deelen dat bij ZM besluit aan A. Dingemanse, wed. H Haesebroeck in leven predikant te Arnemuiden, een jaarlijksch pensioen van f.100- is verleend, gerekend te zijn ingegaan den 1e April ll en ophouden bij hertrouwen.
De CdK
Van Tets

 

Over het dienstjaar 1854 een goed slot ad f. 20,36 ½
Bij het korps mariniers vrijwillig dienende militiepligtige Cornelis Bosgaard heeft verkozen zijnen militie diensttijd bij het korps mariniers te volbrengen met korting van het kontingent van Arnemuiden.
CdK
Van Tets

Aan GS van Zeeland
Arnemuiden 16 Julij 56
Onderwerp: Om verlenging termijn rondgaan met de collecte
Van J.Meerman t.b.v. zijn verloren gegane visschuit in andere delen van Zeeland waar hij nog niet heeft gecollecteerd: het eiland Noord -en Zuid Beveland.
Heeft nog 3 maanden nodig etc.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 23 Julij 1856
Onderwerp: nominale inlijving bij de militie van Cornelis Bosgaard.
Van Tets.

Middelburg den 23 Julij 1856
Onderwerp: Vervoer buskruid
Ik heb de eer U te melden dat den 7 Augustus aanstaande een vaartuig zich moet bevinden te Muiden om aldaar te laden 6915 ponden buskruid en die naar Rammekens te vervoeren.
Dat vaartuig zal indit gewest, den weg nemen langs de Zeeuwsche stroomen en voorts door de Zandkreek en het Sloe.
Ik verzoek U de nodige maatregelen te nemen enz.
CdK van Tets

Middelburg den 26 Julij 1856
Onderwerp: belooning voor daden van moed en zelfopoffering
Ik heb de eer U te doen toekomen een uittreksel uit ZM besluit van den 3e dezer waarbij zilveren medailles aan J. van Belsen en L. Grootjans schippers te Arnemuiden en bronzen medailles aan L.J. van Belsen, J.L. van Belsen, J, de Ridder, R. Blaasen, H. de Nooijer en K. Martijn matrozen aldaar en aan ieder hunner een getuigschrift zijn toegekend, wegens het met levensgevaar redden van de bemanning der Engelsche schoener Marij Elisabeth op den 28 April 1854 op de zandbank de Onrust verongelukt.
Ik verzoek U die hierbijgaande medailles en getuigschriften op gepaste wijze aan de belanghebbende uit te reiken en mij de ontvangst te berigten.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Hierbij gaat het besluit van ZM Willem III

Bericht van ontvangst van burgemeester Baars

Middelburg den 25 Julij 1856
Onderwerp: Vergunning tot het doen van Collecte wordt door GS verlengd.

De Wethouder der Gemeente Rotterdam op verzoek van het Burgerlijk Armbestuur der Gemeente aan deze gedaan verzoek door Blaas Grootjans voor zijne vrouw en zijn kind wonende Vogelzang 9/314 ?? wiens opgaven van geboorte enz. hieronder zijn vermeld.
Gelet op het omtrent hem ingewonnen berigt waaruit blijkt:
Dat hij f. 4 à f.5 per week verdient en de verdienste zijner vrouw geen f.1- per week bedragen
Overwegende dat onderstand nodig is
Besluit het Burgerlijk Armbestuur te magtigen bovengenoemden voorloopig geneeskundige hulp te verstrekken, behoudens verhaal op het bestuur der plaats van domicilie van onderstand.
Rotterdam den 26 Julij 1856

Daarna volgt een nota van inlichtingen
Beroep van de verpleegde naaister

 

Arnemuiden 31 Julij 56
Aan B & W van Rotterdam
Magtiging tot het geven van heel- en geneeskundige hulp aan de vrouw en kind van B. Grootjans
Op 5 augustus wordt die magtiging weer ingetrokken.
Opmerking: Wij kunnen u de verzekering geven bij aldien in onze eigene Gemeente aan de ingezeten geneeskundige hulp mogt worden verleend, welke 4 tot f.6- in de week verdienen, dat dan zeker aan ¾ inwoners in deze stad mogt worden gegeven,
De Burgemeester
C.J.Baars

Middelburg 4 Augustus 56
I certificaat van oorsprong over 700 st. 5/4 calicots waarom bereid tot den eed. Bestemd voor NHM.
Gaarne spoedig retour.
G & H. Salomonson
Hendrix

Bericht aan Minister van Kolonien.

Arnemuiden den 4 Aug. 1856
Wij hebben de eer UEA ter kennis te brengen dat bij ons Armbestuur zich heeft aangemeld Maria de Rijke geb, 27 December 1833 te Serooskerke in tijdelijk verblijf alhier houdende.
Deze persoon dienstmeid zijnde bij den landman C. van Eenennaam alhier is gisteren onverwachts bevallen en in de allerarmste omstandigheden verkeerende en er dus niets in voorraad zijnde, is het Armbestuur in de noodzakelijkheid vervallen haar vooreerst terstond geneeskundige hulp te verschaffen, en daarop de benoodigde kleederen enz bij geborenen noodig te geven.
UEA hiervan door deze kennis gevende, verzoeken wij ten vriendelijkste daarvoor gerestitueerd te mogen worden.
Namens het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding pres

Arnemuiden den 5 Augustus
Aan B & W van St. Laurens.
Wij hebben de eer hierbij aan UEA te doen toekomen een besluit van van den Burgemeester dezer Gemeente houdende kennisgeving verleende hulp aan Maria de Rijke domicilie van onderstand hebbende in Uwe Gemeente.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 4 Augustus 1856
Bestaan er bedenkingen tegen onderstands domicilie in UEA gemeente voor Maatje Meerman die ten gevolge van regterlijke veroordeeling op 25 April ll in de Ommerschans is opgenomen?
Zo ja dan de bedenkingen kenbaar te maken.
Van Tets

Sint. Laurens 6 Augustus 56
De Burgemeester van St.Laurens doet bericht van de ontvangst van het besluit van burgemeester Baars met betrekking van hulp aan moeder en kind van Maria de Rijke

Middelburg den 8e Augustus 1856
Onderwerp: Zorg voor de openbare gezondheid
Een algemeene brief van de minister van BiZ om in de gemeente een gezondheidscommissie in te stellen; dat de geneeskunst-oefenaren zo veel mogelijk overleg hebben met natuurwetenschappers
Een goed toezicht en goede organisatie/communicatie ten gunstige van de openbare gezondheid.
Verzoek van de CvdK uiterlijk op 10 januarij 1857 opgave hieromtrent.
De Commissaris
Van Tets

Afschrift Rotterdam den 9 Augustus 1856
Wij hebben de eer U bij dezen terug te zenden de ons bij apostille in handen gestelde missive van B & W van Arnemuiden van 5 dezer houdende verzoek om op ontvangst van dien brief voor rekening van gezegde Gemeente te doen ophouden de geneeskundige hulp welke verleend wordt aan de vrouw en het kind van B, Grootjans, als met eene verdienste van f.4-,f.5 à f.6 niet in de termen van ondersteuning vallende.
B & W voornoemd schijnen bij dit verzoek om staking vooral geleid te zijn geworden door de mindere verdiensten die in hunne eigene gemeente eerst tot ondersteuning kunnen nopen; het komt ons intusschen voor dat deze maatstaf hier zonder eenige waarde is, daar toch de duurte der levenswijze te Arnemuiden en te Rotterdam een groot verschil zal opleveren, zoodat te Rotterdam hetzelfde gezin met f.6- per week welligt ruim zoo arm is als te Arnemuiden met f.3-
Blaas Grootjans heeft althans te weinig verdiensten om in de bestaande behoefte aan genees-en heelkundige hulp voor vrouw en kind, te voorzien weshalve ten deze onvermijdelijke noodzakelijkheid bestond , om die vanwege het Burgerlijk Bestuur, daar de diaconie ze weigerde, te verstrekken, op grond waarvan wij daarmede dan ook zullen voortgaan, voor rekening van Arnemuiden, totdat de zieken zullen zijn hersteld, doch wij willen van onze zijde wel de verzekering geven, dat wij met die hulp zoo spaarzaam mogelijk zullen te werk gaan, terwijl wij de geneesmiddelen zoo laag mogelijk berekenen, en de kosten der visites in het geheel niet declareren.
De Commissie voor het Burgerlijk Armbestuur
Geteekend
Voor eensluidend afschrift
De secretaris der Gemeente Rotterdam

Middelburg den 12 Augustus 1856
Onderwerp: schadevergoeding wegens vastvaren
Ik heb de eer U te doen toekomen een aan den Minister van Marine gerigt adres, waarbij J. van Belzen, schipper te Arnemuiden vergoeding verzoekt der aan zijn vaartuig teweeg gebragte schade, door het vastvaren op een oud palenhoofd bewesten de westerhaven van Vlissingen.
Volgens het mede bijgaande, daarop door den Inspecteur van het Loodswezen uitgebragt berigt, zou dit ongeval aan onbedrevenheid van dien schipper zijn toe te schrijven. Ik verzoek U na hem daaromtrent te hebben gehoord mij Uwe beschouwingen omtrent de zaak mede te deelen.
Ik wenschte voorts met Uw berigt eenig bewijsstuk te ontvangen tot staving der hoegrootheid van de door den adressant te moeten berigten stand? opgegeven schade. De bijlagen zal ik tevens terugverwachten.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Copie Vlissingen 30 Julij 56
Ter voldoening aan Uwe Excie apostille dd 24 dezer heb ik de eer onder terugzending van het daarbij gevoegde adres van J. v B. visscher te Arnemuiden visscher te Arnemuiden te moeten berigten dat blijkens bekomen informatie zijn vaartuig werkelijk op een oud palenhoofd bewesten de Westhaven te Vlissingen is vastgeraakt en bij vallend water blijven zitten tot het eerst volgende vloedgetij, het is echter niet bekend geworden of het daarmee schade heeft bekomen, zooals door den adressant is opgegeven,
De oorzaak echter van het vastvaren moet mijns inziens alleen aan onbedrevenheid van den schipper moeten toegeschreven, daar hij bij flaauwe westelijke wind tegen de st. in, niet zoo spoedig als hij verlangde de haven kunnende bereiken zich in de neerstroom? achter het haavenhoofd heeft gewaagd en door de kracht van dit zoogenaamde wangetij ? zoodanig is voortgedreven dat het vaartuig niet meer te bestuuren was en al ware dit palenhoofd ook van een baken voorzien geweest, zoo zoude hij het hoofd zeer vermoedelijk reeds niet meer hebben kunnen vermijden.
Wanneer de adressant als bekwame varensman zou hebben gehandeld , zoude men teregt hebben kunnen verwonderen dat hij zich buiten het gewone scheepvaart water had begeven om zich aan het hen bekende gevaar op dat punt zoo als er zoo menigvuldigen langs de oever der rivieren en stroomen zijn blootstellen, het komt mij alzoo voor dat het ongeval hem overkomen aan zijne eigene schuld te wijten is.
Het hierbij bedoelde oude hoofd behoord etc
Verder slecht leesbaar !!

De Inspecteur van het Loodswezen

Arnemuiden den 16 Augustus 1856
Onderwerp: Berigt schadevergoeding vastvaren
Aan de Commissaris des Konings
Onder terugzending van het adres van Joos van Belzen, visscher te Arnemuiden en daarbij uitgebragte raport van den Inspecteur van het Loodswezen bij uwen brief ons toegezonden om na dien schipper gehoord te hebben Uwe Excie onze beschouwingen deswegen mede te deelen. Zoo wij in voldoening daaraan de eer U te kennen te geven.
Blijkens het gevoelen van de Heer Inspecteur schijnt het vastvaren van van Belzen toegeschreven te worden aan onbedrevenheid zij Uwe Excie vergund ons daarop te mogen opmerken dat onze visschers allesints en volkomen bedreven zijn in hun vak en even zoo goed in staat zijn, als de bekwaamste loods als zulks gevorderd word uit zee komende schepen binnen te brengen, gelijk de onderscheidene voorbeelden welke nu minder dan vroeger daarvan tot bewijs strekken, zonder dat men heugd dat zij die schepen op den Banjaard of andere banken hebben aangezet waardoor zij verbrijzeld zijn en waaronder schipper van Belzen den ouderdom van 44 jaren bereikt hebbende en van kinds geboorte gevaren hebbende zeer goed? als bekwaam varengezel onder gerekend mag worden
Dat hij zulks bij flaauwe westelijke wind tegen de eb in zich in de neerstroom/onderstroom? achter het havenhoofd heeft gewaagd en door de kracht van het ?????getij zoodanig is voortgedreven, zijn vaartuig niet meer te besturen was enz
Is volgens het medegedeelde van den schipper zeer onjuist.
De wind was niet west, maar was toen hij op het paalhoofd aanzeilde Noordoost en is dezelve eerst des avonds om 10 ½ uur west geworden, hij had van in plaats een flaauwe wind een ??????, zoodat hij zijn vaartuig zeer goed kon besturen, en bij het vernemen van een bakenton, zeer gemakkelijk met zijn vaartuig, dat volstrekt door het gemelde wangetij? niet werd voortgedreven daarvan zoude afgehouden hebben.
Het is waar hij zoo veel mogelijk buiten stroom heeft geloopen , maar dit moet aan geen onbekwaame handelwijs worden toegeschreven, want dan zijn alle varensgezellen ????? onbedreven, als zoekende een ieder hunner de minste of neerstroom ?? om langs dien weg de haven naar hun begeerte zoo spoedig mogelijk te bereiken en dit kan zoo het zich liet aanzien daar geschieden want bij peiling had hij tot 30 voeten water, voorwaar nog al eene diepte, dat weinig verraad met? Zoo spoedig zoude vastzitten??? En zich aldaar een hoofd zoude bevinden, dat onvoorzien van een baken ???
Den Inspecteur erkend zelf dat vroeger? dit hoofd door een wit baken werd aangeduid, het schijnt dierhalve dat men destijds de noodzakelijkheid daarvan heeft erkend en was er reden zoude men bij hetzelfde gevaar van dat hoofd aanvoeren hetzelve verder van geen baken tans meer te voorzien en nu reeds gedurende 2 jaren een ieder zich de onbekendheid van dat hoofd ???????
!!Dit stuk is voor een groot deel onleesbaar en daardoor onbegrijpelijk!!
De burgemeester probeert aan te tonen dat de schipper c.s. niet onbedreven is , maar dat het oude paalhoofd niet goed zichtbaar is geweest. Ik hoop dat ik een en ander een beetje begrepen heb
Etc
Zie verder het origineel.

Middelburg den 14 Augustus 1856
Onderwerp: Terugzending staat van inlichtingen
Met Uwen brief van den 12e dezer heb ik niet terugontvangen den staat van inlichtingen die gevoegd was nevens den mijnen van den 30 Julij ll
Gelieft mij dien staat derhalve nog te doen toekomen.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Middelburg den 8/15 Augustus 1856
Onderwerp: Provinciale toelage
Aan de districts schoolopziener is verleend een som van f.75 als toelage voor het onderwijs van kinderen van minvermogenden niet bedeelden in Uwe gemeente.
Dat van dit kosteloos onderwijs een gezet gebruik mag worden gemaakt.
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter

Aan EA Heeren B & W van Arnemuiden
Geeft met verschuldigden eerbied te kennen Pieter van Eenennaam molenaar te Nieuw en St. Joosland.
Daar de rekwestrant van meening is het gebouw Lett & no onbekend buiten Arnemuiden nabij de laatste gesloopten zoutkeet gelegen te doen afbreken.
Zoo is het dat hij rekwestrant door deze de vrijheid is nemende, van HEA te verzoeken hiertoe authorisatie dat hem te willen doen verleenen.
’t Welk doende
Nieuw & St. Joosland den 13 Augustus 1856
P. van Eenennaam

Arnemuiden 18 Augustus 1856
Aan den Controleur en den Heer Bewaarder van het Kadaster te Middelburg
Ter kennisbrenging dat er geene slooping van gebouwen in deze gemeente hebben plaatsgevonden; geen verandering in den toestand der gebouwde en ongebouwde eigendom heeft plaatsgehad.
De Burgemeester
C.J. Baars

Voorloopig verslag omtrent de uitkomsten van den oogst van 1856
Tarwe willig gegroeid. Weinig geleden van honingdauw
Rogge: weinig gezaaid; goede oogst
Gerst: zeer welig
Haver: weinig verbouwd; zeer goed
Koolzaad tamelijk; later geleden van honingdauw
Paarden-en duivenboonen: goed gegroeid, later ;last van de droogte en hitte; last van luizen
Witte en bruine boonen: zeer goed, wel last van honingdauw
Erwten zeer goed gegroeid
Aardappelen: vooral vroege soorten goed; weinig ziekte
Graslanden: middelmatig beschot; landman heeft geen reden tot klagen
Klaver-en wortelgewassen: hebben door droogte en hitte veel geleden maar staan anders tamelijk goed .
Vee: geen ziekte; laat niets te wensen over en geeft den landman bij de duurte van het vlees een ruime opbrengst
Algemeene beschouwingen
Den oogst staat over het algemeen zeer goed en belooft een tamelijken opbrengst en zal door de duurte der granen overvloedig in alle behoeften van een landman kunnen voorzien

Arnemuiden den 23 Augustus 1856
Wij hebben de eer aan UEA te doen toekomen vijf declaratien wegens verschuldigde verplegingskosten van arme, alhier geen domicilie van onderstand hebbende personen als
1 van Jan Govert ’t Hoen te Almelo armlastig f.20-
2 van Joos Prince te Colijnsplaat 14,25
3 van Adriaan Theune Nieuw en St.Joosland 70,80
4 van Antje Flierman Brummen 39,40
5 van Maria de Rijke St. Laurens 10,50
UEA dringend verzoekend, daar wij onze loopende schulden niet kunnen voldoen dat deze verschotten ten spoedigste worden gerestitueerd door de belanghebbende gemeentebesturen
Het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding pres.
M. de Nooijer adm.

Arnemuiden 1 September 1856
Aan de burgemeesters der bovengenoemde plaatsen.
De bovengenoemde declaraties worden opgezonden.
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden den 30 Augustus 1856
EA Heeren
Met alle bescheidenheid neem ik de vrijheid UEA te verzoeken ten einde het onderwijs in de Aardrijkskunde met de leerlingen verder voort te zetten, een kaart van Europa door P.Best, en waarvan de kosten in het geheel beloopen de som van f.8,19 te mogen ontvangen.
Wenschende dat UEA mijn verzoek zal kunnen inwilligen heb ik de eer te zijn
EA Heeren !
HEA onderd. Dienaar
P.Kwekkeboom

Arnemuiden 4 September 56
Aan de onderwijzer
Door de Gemeente is UE verzoek bij UE brief van 30 Aug jl hem gedaan ingewilligd, wij verzoeken UE dierhalve de verlangde kaart van Europa aan te schaffen, en de declaratie ten bedrage van f.8,10 aan ons te willen inleveren.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middel burg den 22 Augustus 1856
Onderwerp: Rekening 1855
Besluit sluiting en vaststelling rek 1855
Wij voegen hierbij echter een aantal opmerkingen toe. Etc
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter

Verantwoording der ontvangsten en uitgaven dezer gemeente over 1855
Ontvang f.4323,88
Uitgaaf 4550,45
Nadelig slot 226,53
Arnemuiden den 14 Julij 1856
C.J. Baars

Arnemuiden den 30 Augustus 1856
De kerkeraad der hervormde gemeente Arnemuiden uitmakende het Diakonie Armbestuur, neemt, beleefdelijk de vrijheid UEA bij deze ter approbatie toe te zenden de staten van begrooting voor het dienstjaar 1857.
Het Diakonie Armbestuur
Joh: Odding
L:de Ridder

Arnemuiden September 56
Aan het Diaconie Armbestuur te Arnemuiden
Onderwerp: Goedkeuring begrooting 1857
Wij hebben de eer hierbi aan UE te doen toekomen een goedgekeurde begrooting voor de jare 1857 met opmerking dat onder de weezen voorkomen welke naar het oordeel van de Gemeente Raad daar niet meer onder geschat? zouden kunnen worden en voor wie het te wenschen ware dat dat er poging aangewend mogt worden, dat zij bij deze of geene verhuurd werden, zijnde de bedoelde personen Job Keur en Leuntje Bosschaart.
Overigens is de Gemeente Raad in de bedeeling eene onregelmatigheid voorgekomen, welke in een volgend jaar op zal behooren gelet te worden, daar eene weduw vrouw met 2 kinderen niet die van 5 konden gelijk gesteld worden terwijl de een ongelukkige waarvoor f.65- int jaar is uitgetrokken en hem tamelijk hoog voorkomt geen evenredigheid opleverd met eene niet minder ongelukkige op f.26-.
Wij verzoeken UE bij het opmaken van de begrooting voor 1858 dit in aanmerking te nemen.
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden den 3 September 1856
Aan de CdK in Zeeland
Wij hebben van Lieven Klaassen van de Gruiter een oud afgeleefd en gebrekkig man vernomen dat hij door de Arr. Regtbank wegens bedelarij om het vragen van een boterham bij 1 van de landlieden in de gemeente Nieuw & St. Joosland is veroordeeld geworden, om na 14 daagsche gevangenisstraf overgebragt te worden naar 1 der bedelaars gestichten voor den tijd van 5 jaren.
Op grond van art. 68 der wet van den 28 Junij 1854 SB 100, hebben wij de eer Uwe Excie te kennen te geven dat wij verlangen dat dien man van die straf mogt ontheven worden, waarom het ons aangenaam zoude deszelfs ontslag aan den Minister va BiZ zal gelieven aan te vragen.
De Burgemeester
C.J.Baars

Nieuw- en Sint Joosland, 6 September 1856
Onderwerp: Verpleging A.Theune
Onder kennisgevi van de geneeskundige hulp aang dat de door UEA aan ons gezonden declaratie aangaande de verpleging en bedeeling van A. Theune aan den raad zal worden medegedeeld tot welk einde wij de eer hebben UE te verzoeken voor ons eene gespecificeerde rekening aan het armbestuur uwer gemeente te willen aanvragen en ons te doen geworden, is deze tevens dienende om het armbestuur uijt te noodigen aangezegde A. Theune voor onze rekening geene verdere onderstand te willen verleenen.
B & W van Nieuw & ST. Joosland.
Handtekeningen

Arnemuiden 9 September 56
Verzoek aan het plaatselijk Armbestuur om spoedig een declaratie te sturen t.b. v. A. Theune voor geneeskundige hulp aan het bestuur van Nieuwland.

Dit wordt doorgestuurd aan Nieuwland.

PUBLICATIE
Er heeft op het eiland Groot Sangir in Nederlandsch Indie een ramp plaatsgehad.
Daardoor is een collecte aan de huizen der ingezetenen deze gemeente wenselijk
Dat eiland is door een herhaalde uitbarsting van den vulkaan A??? en daarmede gepaard gaande zeebevingen zoo vreselijk geteisterd dat hare talrijke bevolking schier alle middelen van onderhoud verloren heeft en daarbij ongeveer 3000 het leven hebben verloren .
Zij roept de ingezetenen op tot een milde gave etc
Arnemuiden 22 September 1856

QUITANCIE
Ontvangen ter Provinciale Griffie van Zeeland van het gemeentebestuur van Arnemuiden de som van vier gulden ten behoeve van de overgebleven bewoners Groot-Sangir in Nederlandsch Indie , welek door eene herhaalde uitbarsting van de vulkaan Awoe en daarmede gepaard gaande zeebeving enz. vreselijk zijn geteisterd geworden.
Middelburg, den 2e October 1856
De Commis ter provinciale griffie van Zeeland
Belast met de comptabiliteit
D. Jeras.

Middelburg 11 September 1856
EA Heeren
2 certificaten van oorsprong over 835 st 7/4 Calicots voor den druk bestemd.
Verzending voor particuliere rekening.
Gaarne certificaten retour !!

Bericht daarvan aan de Minister van Kolonien.

Arnemuiden den 18 September 1856

De kerkeraad van Arnemuidenheeft schrijven ontvangen van het Klassikaal bestuur van Middelburg nopens het vroeger besproken legaat groot f.150, door Cornelia Mondeel wed. van de Wachter aan de diaconie bemaakt genoemd bestuur verlangt dat dit legaat groot f.150- door den kerkeraad in de begrooting van het jaar 1857 in uitgang zou worden geplaatst tot aankoop van inschrijving Nationale S chuld, terwijl hij daarentegen genoemde som als bate moet opnemen ter verkrijging van een behoorlijk aequivalent dier uitgaven.
Nadat door ons was kennis gegeven dat de begrooting van het jaar 1857 was opgemaakt en reeds door het gemeentebestuur van Arnemuiden was goedgekeurd, is ons daarop geantwoord dat wij alsdan eene suppletoire staat van begrooting zouden opmaken, en die het Plaatselijk bestuur ??? aan brieven??? gelijk wij doen bij deze.
Het klassikaal bestuur van Middelburg verzoekt dat den kerkeraad zich tot het Plaatselijk bestuur van Arnemuiden te wenden, door U genoemd legaat is gebruikt geworden ter gedeeltelijke dekking van de jaarlijksche subsidie aan het Armbestuur.
Het Klassikaal bestuur verzoekt verder het plaatselijk bestuur te doen opmerken dat er alzoo werkelijk in strijd is gehandeld met ZM besluit van 18 nov. 1852, onder opmerking tevens dat de reden door het plaatselijk bestuur opgegeven, als zoude ZM besluit van later dagteekening hun onbekend zijn geweest, niet gelden , vermits toch het plaatselijk bestuur niet had mogen beschikken over het gelegateerde , voor de vereischte magtiging ter aanvaarding en voor het het vernemen van de voor waarden aan dat legaat verbonden, terwijl daarenboven de handeling des Plaatselijks bestuurs niet gewettigd kan worden door de opgevolgde berusting van Heeren GS van Zeeland ten deze bij de aangebodene begrooting van het Gemeentebestuur.
De Kerkeraad biedt alzoo het Plaatselijk Bestuur nevens suppletoire staat van begrooting aan, en verzoekt restitutie der f.150- om de inschrijving der Nat. Schuld te bewerkstelligen. Hij ziet hierop UEA antwoord tegemoet, opdat hij daarvan kennis zou kunnen geven, aan het Klassikaal bestuur dat van den kerkeraad zoo spoedig mogelijk berigt van deze zaak verlangt.
De kerkeraad der Herv. Gemeente van Arnemuiden

 

Buijs ? consulent
P.J. Crucq
Joh: Odding diaken

Arnemuiden den 20 September 56
Aan den Kerkenraad te Arnemuiden.
Het komt er op neer dat de gemeente weigert het bedrag op een andere manier aan te wenden dan ter aflossing van het grootboek der Nat. Schuld.

Colijnsplaat, 16 September 1856
Wij hebben de eer UEA hierbij te doen toekomen eene post assignatie groot f.14,25 ten behoeve van den Heer P. Kwekkeboom ontvanger van het armbestuur uwer gemeente, strekkende tot voldoening van de bijgaande declaratie ontvangen met uwe missive van den 1 dezer maand no 220, welke declaratie wij met de daaraan gehechte ordonnantie van betaling, laatstgenoemde voor voldaan geteekend weder zullen terugverwachten.
B & W
Handtekeningen

Arnemuiden 19 September 1856
Aan de Burgemeester te Colijnsplaat
Onder terugzending der aan ons toegezonden door het Armbestuur alhier gekwiteerde ordonnantie wegens verleende onderstand aan Joost Prince, hebben wij de eer hierbij te voegen een door den docent bij de clinische school te Middelburg afgegeven verklaring betrekkelijk de toestand waarin Prince verkeert, benevens een briefje van den landman de Troije, welke Prince uit medelijden tot heden heeft gehouden, daar hij met vrouw & kinderen bij den geringe ondersteuning welke hij tot heden genoten heeft, geen bestaan had.
De Burgemeester heeft gisteren dhr van Lissa te Middelburg gesproken en ZE heeft hem te kennen gegeven dien arm gebroken is, hetwelk vroeger niet opgemerkt schijnt te zijn, dat hij niet wilt beloven hij het herstellen zal, maar dit wilt beproeven doch echter de verzekering heeft gegeven, bijaldien hij aan zijn lot word overgelaten, hij die nog in de kracht van zijn leven is verder tot alle arbeid ongeschikt is.
Weshalve stellen wij u voor, om Prince in het Gasthuis te Middelburg te doen opnemen of ons te magtigen hem met vrouw en kind ten uwen koste naar uwen gemeente te laten transporteren.
Aangenaam zal het ons zijn daarover antwoord te zullen ontvangen.
De Burgemeester
C.J.Baars

Memorie van Toerlichting bij de begrooting der gemeente Arnemuiden voor den jare 1857.
Zie hiervoor het origineel.

Middelburg den 19 September 1856
Onderwerp; Toezending declaratien m.b.t. de weduwe A. Toupet en C. Wisse weduwe Maartense.
Gaarne betalen binnen 3 maanden.
B & W van Middelburg
Handtekeningen

Ook C. Le Mahieu , Wed. A.Toupet, deze is Roomsch Katholiek

Aan het Gemeente bestuur te Arnemuiden
De ondergeteekende verklaart zich ingevolge uw schrijven van den 4 dezer bereidwillig tot medewerking en bevordering der openbare gezondheidstoestand der ingezetenen en verlangt dienaangaande werkzaam te mogen zijn overeenkomstig de voorschriften van Zijne Excie den Minister van BiZ.
Tot de rigtige uitvoering daarvanhet nodig oordeelende dat er te dezer plaatse vooral eene gezondheidscommissie worde opgerigt, zoo zal het noodzakelijk kunnen geacht worden dat vooraf met beide geneesheeren hierover rijpelijkraadpleegt; ten einde de desgevorderd wordende maatregelen in nadere deliberatie te brengen en vaststellen.
In afwwagting heb ik de eer te zijn
UEADW Dienaar
J.Noom
Arnemuiden 19 September 1856 Genees-heel- en verloskundige

 

Arnemuiden den 20 September 1856
Wij hebben de eer ter kennis van UEA te brengen dat bij ons Armbestuur zich heeft aangemeld Jan Jasperse , arbeider, geboren te Veere den 3 Februarij 1814.
Deze man, gehuwd zijnde en vader van zes kinderen, leeft in zeer behoeftige omstandigheden en is thans van huisvesting beroofd;waarom hij is verzoekende dat het Armbestuur hem van een woning wil voorzien,met belofte per ?week de huishuur te zullen voldoen, zoolang hij met werkzaamheden begunstigd wordt.
Het Armbestuur rekent zich verpligt, hieraan gevolg te geven, mits het Gemeente Bes tuur van Veere daartoe de noodige magtiging verleent, waarom wij UEA verzoeken, genoemd bestuur daarvan kennis te willen geven.
Namens het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding pres.
L: de Ridder adm.

PROVINCIE ZEELAND: van Eenennaam
Arr. Middelburg
Gemeente Arnemuiden
Zij deze in handen gesteld van den Heer Kadaster en bewaarder van het Kadaster
Arnemuiden den 22 September 1856
B & W van Arnemuiden
C.J. Baars
De secretaris
Opgaven betrekkelijk INDIJKING tegen de zee etc
Pieter van Eenennaam artikel van den Legger: 189 Sectie A nommer 268 Eigendom: huis en Erf; inhoudsgrootte 05 30; belastbare opbrengst 2,65 ongebouwd; 15 gebouwd.
Sedert ons berigt van den 18 Augustus 1856 is dit gebouw gesloopt, wij geven daarvan nog kennis, om zoo mogelijk de verandering nog te kunnen bewerken.

Brummen den 22 September 1856
Alvorens eenig besluit omtrent de voldoening der declaratie ons geworden bij Uw schrijven van den 16 dezer no 220 te nemen, verzoeken wij u Mijne Heeren eene specifieke rekening wegens de geneeskundige hulp aan Antje Flierman bewezen te doen toekomen.
B & W van Brummen
Handtekeningen

Aan bovengenoemd verzoek wordt voldaan.

Bericht van de ontvangst van het besluit van de Burgemeester van den 22 dezer etc.
Handtekening

Middelburg den 26 September 1856
Goedkeuring van de verkoop van eenige op de Noorderwallen uwer gemeente staande opgaande olmeboomen
GS van Zeeland
Van Tets

PUBLICATIE van de verkoping van bovengemelde olmeboomen.
En willig kaphout
De Burgemeester

Middelburg den 26 September 1856
Verzoek van GS om afschrift van de rekening van het Armbestuur over1855 alvorens over een besluit over subsidie te kunnen nemen.
GS van Zeeland
Van Tets voorzitter

Aan bovengenoemd verzoek wordt voldaan.

Veere den 27 September 1856
Met betrekking tot de verleenden onderstand van 60 ct ’s weeks voor huishuur aan Jan Jasperse, waarvan ons het berigt is geworden, hebben wij de eer U te kennen te geven, dat wij tot het verleenen van dien onderstand onze toestemming niet kunnen verleenen, vermits door ons als beginsel is aangenomen om zooveel mogelijk geen onderstand buiten de gemeente die van geneeskundige hulp uitgezonderd toe te staan.
Mogt Jan Jasperse derhalve behoefte aan onderstand hebben, verzoeken wij UEA hem volgens art 44 der Armenwet naar deze gemeente te verwijzen.
B & W van Veere
Handtekeningen

Arnemuiden 30 September 56
Dit afwijzend bericht wordt doorgezonden aan het Armbestuur van Arnemuiden.
Door de Burgemeester van Arnemuiden.

Hierbij een afschrift van een besluit van de Burgemeester tot het in onderstand opnemen van Job Klaassen
De Burgemeester en Wethouders van Vlissingen
Handtekeningen

ARMWEZEN
No 141
EXTRACT
Uit het Register der Resolutien van den Burgemeester belast met de Armenzaken
Vlissingen, den 30 September 1856
De Burgemeester der Gemeente Vlissingen, belast met de Armenzaken,
Gehoord de aanvraag om onderstand van Job Klaassen karreman met een zwangere vrouw en drie kinderen
Op ommestaande nota van geneeskundige hulp te verschaffen inlichtingen breeder vermeld.
Overwegende dat gemelde persoon door ziekte in zulke armoedige en hulpbehoevende omstandigheden verkeert, dat hij niet in staat is zich het benoodigde voor levensonderhoud, huisvesting te verschaffen.
Overwegende dat het ons voldoende is gebleken, dat gemelde persoon geenerlei onderstand kan erlangen uit de fondsen van eenig Kerkelijk Armbestuur etc en hierna geen onderstand heeft genoten.
Overwegende dat er hiertoe volstrekte onvermijdelijkheid bestaat om welgenoemde persoon in onderstand op te nemen.
Gezien artikel 21 der Wet van den 28 Junij 1854.
Heeft besloten dat aan Job Klaassen geneeskund. hulp en gedurende zijnde ziekte eene som van 100 cents per week, te rekenen van heden.
Onderstand uit de fondsen der Burgerlijke Gemeente
Afschrift aan de Gemeente Arnemuiden zijnde het onderstands-domicilie van de armlastige overeenkomstig artikel 27 der genoemde Wet
B & W van Vlissingen
Handtekeningen

Arnemuiden 3 October 56
Aan B & W van Vlissingen
Bij Uwe missive van den 22 dezer maand is mij geworden het besluit van Heer Burg: uwer Gemeente houdende mededeeling bedeeling & verpleging van Job Klaasen.
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden 6 October 1856
Mogten wij ondergeteekenden Commissarissen van het Ziekenfonds alhier UEA in het afgeloopen jaar ons voorneemen te kennen geven tot Oprigting van een ziekenfonds alhier—thans hebben wij bij het sluiten van het eerste dienstjaar het genoegen UEA kennis te doen dragen dat hetzelve steeds in Leden meer en meer toeneemt. Zoodat hetzelve tot 75 huisgezinnen uitmakende eenhonderd negen enzeventig Leden is gekomen dat van 18 September 1855 tot ultimo augustus 1856 zijn behandeld 469 hare ’s leden zoo genees-als Heelkundig aan wien 1036 recepten zijn verstrekt alsmede dat aan vijf barende vrouwen de noodige bijstand is verleend.
Van de nuttige strekking dezer Inrigting zullen UEA zich wel met ons overtuigd houden en het is uit dien hoofde dat wij de vrijheid nemen dezelve aan UEA protectie elk in zijne betrekking tot verdere aanwas en bescherming hen ????? en nederig aan te beveelen.
Namens de HH Commissarissen
Handtekening

Provincie Zeeland Gemeente Arnemuiden

Op 4 October 1856
Bij de Ontvanger opneming
Ontvangen eene som van f.2775,84
Uitgaaf 2483,98
Meer ontvangen 291,86
Net goed slot van 1854 ad f.21,36 ½
313,22 ½
Gaat af het kwaad slot over 1855 van f.226,53 ½
In kas f.86,69
B & W
C. J. Baars
De secretaris
F. van Eenennaam

Middelburg den 6e October 1856
Vermoedelijk verschuldigde wegens verplegingskosten van bedelaars aan Maatschappij van Weldadigheid f.21,43. Gelieve dit over te storten
De Commissaris dde Konings
Van Tets

De gemeente is momenteel buiten staat dit bedrag te storten : onvoorziene uitgaven overschreden.
Waarom wij Uwe Excie mitsdien dringend verzoeken om bij ZM de noodige voordragt te doen opdat dezelve ingevolge art.66 der wet van den 28 Junij 1854 door de Provincie en het Rijk mag worden gedragen.
Ook moeten wij ons verlangen te kennen geven dat die bedelares uit dat gesticht worde ontslagen, zijnde zij genoemd Maatje Meerman, geliefd de goedheid te hebben haar ontslag bij ZM de Minister van BiZ te willen aanvragen.
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden 27 November 56
Aan de Commissaris des Konings
Onderwerp: Kwitantie voldoening onkosten Bedelaars.
Daar door Uwe Excie blijkens deszelfs missive van 20 October jl het ontslag van de bedelares Maatje Meerman bij ZE den minister van BiZ aangevraagd heeft de Gemeente raad besloten om de kosten derzelve over het 1e half jaar van 1856 te voldoen uit de plaatselijke fondsen en om zich deswegens aan ZM te adresseren.
Dienvolgens hebben wij de eer in voldoening aan UExcie missive dd 6 October jl bij deze de kwitantie van betaling bij de Heer Ontvanger te doen geworden.
De Burgemeester
C.J. Baars

Colijnsplaat 9 October 1856
Daar wij uit eene door het Burgerlijke Armbestuur alhier met den Heer van Lissa, docent bij de Clinische school te Middelburg gevoerde briefwisseling omtrent den persoon van Joost Prinse het daarvoor moeten houden dat deze behoeftige zich reeds in het gasthuis onder geneeskundige behandeling bevindt, zoo achtten wij het nu niet meer noodig om de missive van UEd van den 19 September jl te beantwoorden wat betreft het daarin vervatte voorstel om Prinse in het gasthuis te doen opnemen, of hem met vrouw en kinders herwaarts te doen overbrengen.
B & W
Handtekeningen

Arnemuiden 15 October 56
Aan B & W van Colijnsplaat
Tot op heden bevind zich Joost Prince nog niet in het gasthuis en is hem de opneming op gisteren door drie daartoe door UE .........geene toestemming is verleend, geweigerd.
Intusschen word de toestand van de patient van dag tot dag bedenkelijker en de vrees voor zijn herstel verminderd.
Uwe missive van de 9 dezer maand levert ons geen voldoend bewijs voor die opname op. Waarom wij UE verzoeken voor het geval gij mogt kunnen besluiten, om Prince herstel nog te willen beproeven, ons over de opneming in het Gasthuis te Middelburg de noodige autorisatie te verleenen terwijl wij in het tegenovergestelde geval u verzoeken hem met vrouw & kinders naar uwe Gemeente te mogen zenden, daar de landman de Troije niet langer de verzorging van dat huisgezin op zich verlangd te nemen.
De Burgemeester
C.J. Baars

PUBLICATIE belasting op het personeel art.27 en 42
Zie verder het origineel

Aan de Commissaris des Konings
Onderwerp: Schoolgeld

Wij hebben de eer Uwe Excie te berigten dat het door den onderwijzer ontvangen schoolgeld gedurende den jare 1855 heeft bedragen de som van f.449,92
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 17 October 1856
Wij hebben de eer, aan den voet dezes, U mededeeling te doen van een Besluit van den Burgemeester, betrekkelijk den onderstand verstrekt aan:
Jacobus van Belzen
B & W van Middelburg
Paspoort
De secretaris
C.N. de Stoppelaar

De Burgemeester van Middelburg
Gezien het berigt van het Burgerlijk Armbestuur
Gelet op de bepalingen der Wet van den 28 Junij 1854
Overwegende de noodzakelijkheid om aan Jacobus van Belzen, hervormd en lidmaat en erkend domicilie van onderstand bezittende te Arnemuiden te verstrekken verpleging in het Gasthuis tegen 50 cent daags.
50 cent des daags voor rekening van de Gemeente Arnemuiden
Middelburg den 16 October 1856
De Burgemeester
Paspoort

Arnemuiden 18 October 56
Aan B & W van Middelburg
Ik heb de eer UE den ontvangst te berigten uwer missive van 14 dezer begeleidende een besluit van Burgemeester uwer Gemeente houdende opneming van Jacobus van Belzen in het Gasthuis uwer gemeente
De Burgemeester
C.J. Baars

Goes den 18 October 1856
Alimentatie Kosten
De declaratie van het algemeen Armbestuur alhier, wegens in het afgeloopen jaar verstrekte alimentatie aan M.J. le Mahieu ad f.14,84 ter afrekening etc.
B & W van Goes
Handtekeningen

Arnemuiden den 14 October 1856
Wij hebben de eer ter kennis van UEA te brengen, dat bij ons Armbestuur zich heeft aangemeld Elizabeth Marijs, weduwe van Jan Dingemanse, geboren te Middelburg den 6 Jan. 1818.
Deze arme weduwe moeder van zes minderjarige kinderen, is thans door eene ziekte buiten staat iets voor haar huisgezin te verdienen, waarom wij niet kunnen nalaten, op haar verzoek en op kosten van haar onderstands domicilie haar geneeskundige hulp en eene wekelijksche bedeeling van 60 cent te verleenen.
Het Diakonie Armbestuur
Van Arnemuiden
Joh: Odding pres.
A Buijs adm.

Bericht hiervan aan B & W van Middelburg

Bericht van GS van Zeeland: geen bedenkingen tegen het besluit van 30 september van de Gemeenteraad om subsidie te verleenen aan het Hervormd Diaconie Armbestuur over het jaar 1857.
Van Tets

Middelburg den 20 October 1856
Onderwerp: Verplegingskosten en ontslag bedelaarskolonist.
Ik moet zwarigheid maken om gevolg te geven aan het verzoek vervat in het eerste gedeelte van uwen brief van den 14 dezer no 257.
Verlangt Uwe vergadering de bepaling van het 2e lid van art 66 der wet tot regeling van het armbestuur op hare gemeente te zien toegepast, dan zal zij zich met het verzoek daartoe regtstreeks aan den Koning behoeven te wenden.
Het ontslag van Maatje Meerman uit de bedelaarsgestichten, is door mij aan den Minister van Binnenlandsche zaken voorgedragen.
De Commissaris des Konings
Van Tets

Middelburg den 17 October 1856
Onderwerp: goedkeuring begrooting schutterij over een half bataljon:
UEA deel f.18,22 ½
GS van Zeeland
Van Tets

Middelburg den 22 October 1856
Bericht van ontvangst m.b.t de geneeskundige verpleging van Elisabeth Marijs, wed. J. Dingemanse

Arnemuiden 26 October 1856
Onderwerp: Tusschenkomst ter verkrijging van restitutie
Wij achten ons verpligt UE vriendelijke tusschenkomst in te roepen ter bevordering eener restitutie wegens door het Armbestuur alhier verleende onderstand aan zekeren Jan Govert ’t Hoen, domicilium van onderstand hebbende in de Gemeente Almelo.
Op den 14 febr. Dezes jaars beriget het Armbestuur ons dat er zich een ellendig betreurenswaardig en aan alles gebrek lijdende huisgezin van Almelo zich in de Gemeente had gevestigd, met het doel om was het mogelijk als wever geplaatst te worden op 1 der calicotsfabrijken alhier een man van 55 jaren zoo hevig borstig dat hij bij de minste beweging naar zijn adem g(h)apte en bovendien zeer geboggeld buiten staat eenig werk te verrigten en zijne vrouw door het verlies van een zoontje nog te Almelo zoodanig in haar vermogen gekrenkt dat zij niet vatbaar was om iets ten voordeele van haar huisgezin te verrigten, daarbij twee kinders nog te jong om iets te kunnen verdienen, terwijl de ongelukkige ’t Hoen, ook niet dadelijk geplaatst kon worden.
Zonder eenige verdiensten of middelen van bestaan verkeerden deze ongelukkige in de uiterste verlegenheid en zouden van honger moeten omgekomen zijn, ware het niet dat in dien toestand door ons in hunne groote behoefte eenigsints was voorzien.
Wij gaven van dienonderstand aan het Pl. Bedstuur van Almelo kennis, dan den ontvangst derzelve werd ons niet ??????? op 23 April daaraanvolgende .
Na? een verblijf van 19 weken besloot ’t Hoen? tot ons genoegen weder naar Almelo te vertrekken daar hij volgens zijn verklaring hier anders mogt sterven van gebrek en hij uit die gemeente? zeer was teleurgesteld??.
De declaratie der verschotene ad f.20 zenden wij naar het gemelde bestuur met schriftelijk verzoek de voldoening zoo spoedig mogelijk te doen plaatsvinden, alzoo het Armbestuur die uitschotte niet langer konde missen.
Zeer moeilijk leesbaar.!!
Volgens mij lijkt het dat B & W van Almelo niets van zich laat horen en daardoor weigert te betalen.
Aan GS van Zeeland is deze brief gericht.

Middelburg den 23e October 1856
Onderwerp: Staat van het bedrag en de opbrengst der belasting op het gedistilleerd
Ik heb de eer UEA te verzoeken aan mij, voor het einde van de maand te doen toekomen een staat van de plaatselijke belasting op het gedistilleerd in uwe gemeente 1855.
De Commissaris des Konings in Zeeland
Van Tets.

Staat aanwijzende het bedrag en de opbrengst der plaatselijke belasting op het gedistilleerd in de Gemeente Arnemuiden gedurende het jaar 1855
Binnenlands gedistilleerd; buitenl. Gedistilleerd en buitenl. Likeuren
Totaal f.439--

Colijnsplaat 23 October 1856
Heeren in onze missive van den 9 dezer weeke lag opgesloten de toestemming om Joost Prinse in het Gasthuis te Middelburg te verplegen ten einde zijnen herstelling in dat gesticht zoude kunnen worden beproefd ( immers wij gaven daarbij te kennen onze vooronderstelling dat hij reeds daarin was opgenomen, en opperden daartegen geen bezwaar), is ons gebleken uit uwe misive van den 18 dezer no 259, dat die opneming nog geen plaats heeft gehad, en intusschen de toestand van hem steeds bedenkelijker wordt.
Voor zooveel echter daaraan door ons kan worden toegebragt, willen wij de middelen die ter zijner herstelling dienen kunnen bevordelijk zijn, en hebben mitsdien de eer URA te magtigen tot zijne verpleging in het gasthuis te Middelburg ons voorbehoudende om ten zijnen aanzien zoodanige beschikking te nemen als wij geraden zullen achten.
B & W
Handtekeningen

Vlissingen den 24 October 1856
Declaratie van J.Klaassen over het 3e kwartaal ten bedrage van f.1,80. Verzoek tot betaling daarvan zo spoedig mogelijk.
Handtekeningen

Middelburg den 31 October 1856
Onderwerp: Armlastigheid E. Marijs
Naar aanleiding uwer missive van den 20 dezer, verzoeke nadere inlichtingen:
1 wanneer de man is overleden
2 of hij ook onderstand heeft genoten en zoo ja in welk tijdvak en
3 de namen geboorteplaats en dagteekening der geboorte van de kinderen.
Gaarne spoedig tegenberigt.
Handtekeningen

In het volgende stuk worden deze gegevens aangeleverd
De man van Elisabeth Marijs genaamd Jan Dingemanse is overleden den 3 Febr.1849.
De gemelde persoon heeft geen onderstand genoten; de kinderen worden genoemd en met geboorte vermeld. Etc.
De Burgemeester
C.J.Baars

Brummen den 31 October 1856
Hierbij een kwitantie groot f.44,10 ter voldoening der verschuldigde verplegingskosten voor Antje Flierman. Gaarne ondertekend retour.
Handtekeningen.

Dit geschiedt in het volgende stuk.

Arnemuiden 3 November 56
Aan de Heer Commissaris des Konings in Zeeland
Dit jaar geene verbeteringen en vernieuwingen of herstelling hoegenaamd in onze Molenpolder heeft plaats gehad, mitsgaders geene werken waarin bereids plannen zouden zijn opgemaakt etc
De Burgemeester
C. J. Baars

Middelburg den 6 November 1856
Bericht onderstand verleend aan Leuntje Kouwer , wed. Job Klaassen
Arnemuiden, 8 november 56

Bericht van ontvangst van bovenstaand stuk

Arnemuiden 10 November 1856
Aan B & W van Middelburg
Wat betreft het dom. Van onderhoud van Leuntje Kouwer kan door ons niet erkend worden op grond dat deze vrouw naar het overlijden van hare man Job Klaassen volgens art 31 der Wet van 28 Junij 1854 hare geboorteplaats, dan zeker domicilie van onderstand word zijnde de gemeente Colijnsplaats.
De Burgemeester
C.J.Baars

Een merkwaardig stuk. In gedrukte vorm.
Over drijfblokken die Prins Napoleon op een reis naar het Noorden heeft doen uitwerpen ten einde de kennis van de stroomen van den Noord-Atlantischen Oceaan te bevorderen.
Drijfblokken met een fleschje. Naam van het schip La Reine Hortense met dagtekening met geschreven briefjes in 5 talen.
Verzoek bij aantreffen deze aan mij te doen toekomen met alle gegevens van tijd plaats enz.
De Commissaris des Konings
Van Tets.

Spoorweg Vlissingen naar Venlo
Dordrecht 7 November 1856
Onderwerp: Opnemingen en waterpassingen
Mijnheer!
Ik heb de eer U beleefdelijk kennis te geven, dat er met de opnemingen en werkzaamheden voor de definitieve plannen en ontwerpen van den spoorweg van Vlissingen naar Venlo onder mijne leiding door den Ingenieur Henquet een begin wordt gemaakt.
Verzoek: welwillende medewerking te mogen inroepen i.v.m. o.a. onteigeningen van de waterlossingen vast te stellen en te regelen wanneer daarover na het uitzetten der lijn kan geoordeeld worden.
Etc.

Middelburg den 9 November 1856
Directe Belasting
Patentregt

Gelieve 1 persoon uit UEA gemeente te magtigen om de deurwaarder der Directe Belastinge bij de opneming te assisteren.
De Commies ter Directie
Handtekening

Arnemuiden 11 November 56
Aan de Heer Controleur der Directe Belastingen te Middelburg
De Gemeente Bode zal assistentie verlenen

Middelburg 15 November 1856
Hierbij 2 certificaten van oorsprong over 910 stuks 7/4 Calicots: bereid tot eed . s.v.p.zo spoedig mogelijk retour.
Bericht daarvan aan de Minister van Kolonien

Arnemuiden 26 November 56
Aan de Heer Commissaris in Zeeland
Op grond van Uw Ed. Circulaire van de 14e dezer maand geven Wij Uwe Excie te kennen dat er in deze gemeente geene heidevelden bedoeld bij den brief van ZE de Minister van BiZ gevonden worden doch dat tusschen het tijdvak van 1841 tot heden, de Oranje plaat thans genoemd de Bastiaan de Lange Polder is ingedijkt bevattende 75 Bunder ? roeden alleen bestemd voor wei -en bouwland thans in eigendom toebehoorende aan de Heer Thomas?
De Burgemeester
C.J. Baars

De Comm. Des Konings in Zeeland
Gelet op art.2 van het Reglement tot voorkoming van de verspreiding der Longziekte; veearts is Berghuis.
Vergunt aan L. Geschiere landbouwer wonende te Meliskerke om ter stalling te vervoeren naar de stal van J. van ’t Westende te Arnemuiden
Eene vaalbonte vaars oud 3 jaren.
Uit Zuid Beveland teMiddelburg aangebragt
Geheel afgezonderd gestald, geweid etc van het andere vee.
Middelburg den 12 November 1856
De Comm. Des Konings voormoemd.
Van Tets

Idem dito aan J. van ’t Westende landbouwer te Arnemuiden om ter stalling te vervoeren naar zijne stal de navolgende te meldene runderen als
Twee zwart bonte vaarsen oud 3 jaren
Eene rood bonte vaars oud 3 jaren
Uit Zuid beveland te Middelburg aangebragt
Afgezonderd gestald, gevoed, geweid etc
Middelburg den 19e November 1856
De Comm.des Konings
Van Tets

Arnemuiden 25 November 56
Aan HH GS van Zeeland
Bericht over onderhandse verpachting van beer aan P.de Zeeuw schipper wonende te Middelburg voor de tijd van 8 jaren tegen f.50- des jaars zijnde f.10- meerder alsdat hij gedurende de vorige 7 jaren daarvoor heeft betaald.
Eene publieke verpachting zou niet meer opbrengen als nu is bedongen.etc
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden den 29 November 56
Aan GS van Zeeland
Onderwerp: Aanmerking op gemaakte opmerkingen
N.B deze brief niet ingezonden.

Arnemuiden den 28 Nov. 1856
Wij hebben de eer hierbij aan UEA te doen toekomen eene declaratie wegens verschuldigde verplegingskosten ten behoeve van Elisabeth Marijs, wed. J. Dingemanse , dom van onderstand hebbende te Middelburg over Oct. en Nov. des jaars 1856.
UEA verzoekende, dat deze aan voornoemd Bestuur worde afgezonden.
Het Armbestuur van Arnemuiden
Joh: Odding pres.
Buijs adm.

Arnemuiden den 28 November 1856
Aan HH B &W van Wolfaartsdijk
Hierbij een besluit van de burgemeester dezer Gemeente houdende toestemming eener wekelijksche bedeeling van Jan Tramper ter bedrage van f.0,60 ter oorzake van de daarin vermelde rede.
De Burgemeester
C.J. Baars

Middelburg den 28 November 1856
Goedkeuring van de onderhandsche verpachting van mestspecien
GS van Zeeland

Middelburg den 28 November 1856
Onderwerp: onderstand.
GS van Overijssel geeft aan dat de gemeente Almelo de verschuldigde verplegingskosten van J.G. ’t Hoen aan UEA zal over maken.
CdK
Van Tets.

Middelburg den 1 December 1856
Onderwerp: Ontslag bedelaarskolonist M. Meerman
Ontslag kent bezwaren. Zij heeft een schuld van 37 cent en zij is bevreesd tegen de winter de kost niet te kunnen verdienen.
Gelieve UEA gevoelen mij te doen kennen.
CdK
Van Tets

Arnemuiden 3 December 1856
Hoezeer wij het verblijf van M. Meerman in het bedelaarsgesticht tot 1 April niet ondoelmatig vinden, uit hoofde zij op die tijd waarschijnlijk beter aan de kost zal komen dan wel voor dit oogenblik dierhalve daaraan onze goedkeuring hechten, zoo moeten wij echter ons bezwaar te kennen geven betrekkelijk de kosten van haar verblijf, die de Gemeenten toch maar worden opgelegd, wenschelijk ware het daar de wet de bedelarij strafbaar stelt dat ook door de wet het Rijk de voldoening der kosten werd opgelegd zoo wel als bij alle andere gevangenissen.
Wat schuld en kosten van vervoer betreffen, zal zij op die tijd dan zeker wel bijeenverzameld hebben, te minsten wij verwachten ???? dat in het gesticht daarvoor zoo veel mogelijk werd gezorgd, en zij van hare verdiensten het transport kan betalen, behoudens bij gebreke daarvan. Dan zijn wij die verschuldigd.
De Burgemeester
C.J. Baars

Jacobus La Soe vraagt voor zijn vrouw Grietje Siereveld geneeskundige hulp aan het Armbestuur en een wekelijksche ondersteuning.

Het Gemeentebestuur besluit daartoe

Middelburg den 5 December 1856
Besluit: verstrekking van onderstand aan Adriana Toupet
Roomsch Katholijk geboren te Arnemuiden februarij 1808: een wekelijks onderstand van 25 Cent.
Verkeert in behoeftige omstandigheden
B & W
Paspoort

Wolphaartsdijk den 5e December 1856
Onderwerp: Armwezen
Wij hebben de eer UEA bij deze den ontvangst te berigten uwe missive van verleening van onderstand aan Jan Tramper. Onze bekrompen arme fondsen laten niet toe eene meerder onderstand dan 60 cents per week gedurende 2 à 3 maanden. Mogt hij meerder of langer onderstand behoeven dan zal hij verpligt zijn zich alhier metterwoon te komen vestigen .
Wij veronderstellen alzoo dat hij geen lidmaat der kerk is.
B & W van Wolphaartsdijk
H. van Strien de secretaris
B. de Regt

Middelburg den 4e December 1856
Onderwerp: Verplegingskosten Maatschappij van Weldadigheid

Vermoedelijke verplegingskosten van bedelaars in haar gestichten over het 2e halfjaar 1856 f.17,50.
Gaarne vóór den 15e Januarij e.k. overstorten aan den Ontvanger der registratie van de geregtelijke acten.
CdK

Arnemuiden den 27 December 56
Aan de Commissaris des Konings
Wij hebben de eer hierbij aan Uwe Excie te doen toekomen de kwitantie wegens gedane storting voor verplegingskosten van bedelaars over het tweede halfjaar van 1856 groot f.17,50
Onze gemeente kan niet dan moeijlijk dien last dragen, waarvan wij niet kunnen toestaan dat bedelaars ten onzen laste aldaar worden verpleegd; wij verzoeken Uwe Excie derhalve vriendelijk op grond van art.68 der wet van 28 Junij 1854 tot ontslag aan den Minister van BiZ te verzoeken van den persoon van Adriaan de Ridder, onlangs door de regtbank weder veroordeeld etc.
De Burgemeester

De Commissaris des Konings gelet op de verspreiding der Longziekte alsmede lettend op het rapport van Veearts Berghuijs
Vergunt aan I. Filius
Ter stalling te vervoeren naar zijnen stal
Een vaal bonte koe, oud zeven jaren uit Zuidbeveland geheel afgezonderd stallen en weiden.
Informatie aan B & W van Arnemuiden tot toezigt
Middel burg den 10e December 1856
CdK
Van Tets

Hierna Publicatie Nationale Militie regeling van de toekomstige Loting

Staat inhoudende de handtekeningen van de burgemeester Baars, de wethouder Antheunis Boogert en de leden van de Raad Joos van der Weele en Jacobus Meerman
Arnemuiden den 19 December 1856

Afkondiging
De Burgemeester &Weth
Maken bekend dat zij op donderdag den 18 December aanstaande eene schouwing zullen doen op de voetpaden wordende een ieder aangemaand te zorgen dat dezelve in behoorlijke orde worden gebragt.
De Burgemeester
C.J. Baars

Arnemuiden den 19 December 1856
Bij het Armbestuur heeft zich aangemeld Janna Kakebeeke, weduwe Adriaan Theune, onlangs overleden geboren te Nieuw-en St. Joosland den 11 Dec. 1813 ten einde geneeskundige verpleging te mogen ontvangen.
Deze arme weduwe ernstig ongesteld geworden zijnde, hebben wij niet durven nalaten haar op kosten van haar onderst. Domicilie deze hulp te verschaffen etc.
Het Armbestuur
Joh: Odding pres.
A. Buijs adm.

Daarvan wordt bericht gedaan aan het Plaatselijk Bestuur van Nieuw-en St.Joosland.

Arnemuiden 20 December 56
Onderwerp: Wijziging begrooting i.v.m.verplegingskosten bedelaars.

STAAT aanwijzende Maximum van Onderstand

Aan GS een afschrift der staat van het maximum van den onderstand: besluit Gemeente raad 19 december no 44
De Burgemeester

De druk-,bind- en zegelkosten der registers van den burgerlijken stand uwer gemeente voor 1857 bedragen tezamen f.74.74 ½
Voor 1 April aanstaande vrachtvrij aan de aan de Provinciale Griffie over te maken
CdK
Van Tets

Middelburg den 20 December 1856
Machtiging van de Minister van BiZ om M. Meerman op den 1 April aanstaande uit de bedelaarsgestichten te ontslaan onder uitreiking van reisgeld, zou zij daaraan nog behoefte mogen hebben en om vervolgens over het casu quo te verstrekken en het bedrag der na te laten schuld op Uwe vergadering te beschikken.etc
CdK in Zeeland
Van Tets

Middelburg 22 December 1856
EA Heeren!
Ik heb de eer UEA hiernevens ter gewone behandeling aan te bieden 3 certificaten van oorsprong over 300 6/4 & 50 7/4 Calicots, waarvoor ik mij desgevorders bereid verklare de eed af te leggen.
De verzending geschiedt voor particuliere rekening.
Gaarne sloedig retour.
UEADW Dienaar
M.Salomonson
Abd. Hendrix

Bericht daarvan aan de Minister van Kolonien.

Middelburg den 20e December 1856
Onderwerp: Benoeming Burgemeester uittreksel ZM besluit van 12 December no 48
Herbenoeming burgemeester Baars voor Arnemuiden en Kleverskerke.
Mededeling aan de gemeenteraad en afkondiging aan de ingezetenen.
CdK
Van Tets

Hierbij gaat de STAAT van ZM Besluit

Daarvan wordt publicatie gedaan.

Goes den 27 December 1856
Onderstand aan M.J. le Mahieu bij voortduring: per week 30 cent 2 brooden en 10 turven.
In geldwaarde 60 cents
Handtekening

Ga naar boven