In 1857 is de oude kruiskerk afgebroken
en in 1858 is op dezelfde locatie een nieuwe, kleinere kerk gebouwd. De
grafzerken uit de oude kerk werden voor de preekstoel en in de
gangpaden van de nieuwe kerk gelegd. Op de foto links is een deel
van zo'n gangpad te zien.
In 1919 heeft Bloijs van Treslong een inventarisatie gemaakt van de grafzerken die in de kerk aanwezig zijn. In Arneklanken jaargang 6, nr. 1, maart 2001 is een artikel opgenomen van de hand van P.A. Baaijens, waarin de grafzerken in chronologische volgorde worden beschreven. Daarbij wordt naast de gegevens van Bloijs ook informatie uit andere bronnen vermeld.
Helaas zijn in de Franse tijd, zoals overal in Nederland, de wapens weggekapt. Ook zijn vele zerken zodanig belopen dat veel teksten en afbeeldingen zijn weggesleten.
Toen in 1963 centrale verwarming in de kerk werd aangelegd
zijn de oude zerken afgedekt door een dikke laag beton. In die
tijd had men blijkbaar nog niet zoveel historisch besef. Begin
2001 is gestart met de restauratie van de kerk. Vanwege de
aanleg van vloerverwarming zou ook de bijna 40 jaar oude
betonlaag worden verwijderd. 
Zodra de restauratieplannen bekend werden, heeft het bestuur van de Historische Vereniging een dringend beroep op de Kerkvoogdij gedaan om er alles aan te doen om de zerken te sparen. Een te voortvarende sloop van de betonvloer zou immers de zerken zwaar kunnen beschadigen. Gelukkig zijn de grafzerken in februari 2001 zonder grote beschadigingen van onder het beton tevoorschijn gekomen.
Voor zaterdagmiddag 10 februari en woensdagmiddag en -avond 14 februari gaf de kerkvoogdij toestemming om zoveel mogelijk zerken uit de kerk te halen. Vrijwilligers van de HVA, het Museumbestuur en het Wijkondersteunigspunt hebben met grote inspanning een aantal kleinere zerken kunnen redden. Twee werknemers van steenhouwerij Zandee & de Kuyper uit Goes hebben daarbij met professioneel materieel belangeloos ondersteuning geboden. Het bleek echter onmogelijk om de grotere stenen, die vaak enkele tonnen wegen, uit de kerk te halen.
Links een afbeelding van de oudste zerk
uit de kerk,die gelukkig ook is gered. Deze zerk uit 1495 is van
oorsprong niet afkomstig uit de Kruiskerk, want die werd pas in
1505 gebouwd als de St. Martinuskapel. Het gedenkteken is
waarschijnlijk overgebracht uit de St. Janskerk van Nieuwerkerke
of de St. Maartenskerk van het oude Arnemuiden (Mortierekercke)
Op de 4 hoeken zien we "vierpassen", voorstellende
de symbolen van de
evangelisten Mattheus,
Marcus, Lucas en Johannes. Rechtsonder een detail van een steen
met het symbool van St. Marcus. (een leeuw met vleugels)
Een commissie bestaande uit vertegenwoordigers van de Kerkvoogdij, de HVA, het Museumbestuur en het WOP gaat zich bezig houden met het lot van de zerken die uit de kerk gered zijn.
Tot slot een treffende tekst op een houten memorie tafeltje uit 1594. Op 22 augustus 1594 stierf de 14-jarige Adriana Bogaert toen ze werd getroffen door een lichtvaardig afgeschoten pijl bij het klootschieten op de jaarmarkt.
